|
In een bijlage
bij een rapport over de stand van zaken in Duitsland op het gebied van
astrologische publicaties, gepubliceerd op de website van Ulrich Maichle
Die Nostradamus-Propaganda
der Nazis 1939-1942, werd kritiek uitgeoefend op
opmerkingen van Carl Loog in een paginagroot artikel, een ingezonden
brief, in nummer 50 van de
jaargang 1940 van het nationaal-socialistische weekblad Der
Reichswart. In dit artikel
wordt uitgebreid aandacht besteed aan Loogs brief.
Loog is de schrijver van Die Weissagungen des Nostradamus (Pfullingen
in Württemberg, 1921 [1920]), waarin hij over kwatrijn 03-57 had geschreven dat volgens Nostradamus in 1939 gelijktijdig crises zouden uitbreken in
Engeland en Polen. In Mysterien von Sonne und Seele (Berlijn,
1922 [1921]) haalde dr. Hans-Hermann Kritzinger Loogs commentaar op kwatrijn 03-57 aan. Het jaartal 1939,
vrijwel het enige jaartal in dit boek, was vet gedrukt.
Na de inval van Duitsland in Polen in september 1939 werd naar
aanleiding van Loogs commentaar op kwatrijn 03-57 een
koppeling gelegd tussen dit kwatrijn en de inval in Polen. Dr. Paul Joseph Goebbels, van 1933 tot 1945
minister van Propaganda in nazi-Duitsland, zag hierin aanleiding de Centuriën en/of
Centurie-commentaren te
gebruiken voor psychologische oorlogvoering.[1]
In #50 van de jaargang 1940 van het nationaal-socialistische weekblad Der
Reichswart is een brief van Loog gepubliceerd onder de titel Prophete rechts
- Prophete links - War Nostradamus wirklich Scharlatan und Betrüger?, op deze website aangeduid met de verkorte titel Nostradamus
Scharlatan?.
In deze brief reageerde Loog op Prophete
rechts, Prophete links..., een bijdrage van Kurt Fervers, gepubliceerd
in Der Reichswart #45, 7 november 1940. Fervers had zich in sceptische
bewoordingen uitgelaten over profetie in het algemeen en de Centuriën
in het bijzonder. Over Nostradamus als persoon had hij zich in
antisemitische zin uitgelaten.[2]
Nostradamus Scharlatan?
is ingedeeld in drie delen. In het eerste deel weerlegde Loog kritiek op
Nostradamus die volgens hem onterecht was. In het gedeelte Die
Voraussagen besprak hij enkele facetten van de sleutel die hij uit
de Centuriën had afgeleid, waarmee hij naar zijn zeggen de
kwatrijnen in de oorspronkelijke volgorde kon rangschikken, en vergeleek
hij opmerkingen van Fervers op een aantal kwatrijnen met de zijne. In
het gedeelte "Ein Kapitän von Groß-Deutschland"
besprak hij onder andere kwatrijnen die volgens hem in 1940 in
vervulling waren gegaan op een manier die aansloot bij wat hij
erover had geschreven in Die Weissagungen des Nostradamus.
De vraag is of de redactie van Der Reichswart Loogs brief
voorafgaand aan publicatie heeft ingekort of passages heeft geschrapt of veranderd, al of niet op
voorschrift van de afdeling Censuur van het Propagandaministerie. Volgens
prof. dr. dr. E. Noelle-Neumann, die in juni 1940 een propagandistisch
artikel over Nostradamus had geschreven voor de Deutsche Allgemeine
Zeitung, keek de Censuur niet mee over de schouders van de
redacties; de redacties wendden zich op eigen initiatief tot de Censuur
als zij meenden dat bepaalde passages in een artikel nader moesten
worden bezien.[3]
Bij gebrek aan verdere informatie is er in dit artikel
van
uitgegaan dat de brief die
Loog heeft geschreven in zijn geheel is gepubliceerd. Waarschijnlijk heeft de
redactie van Der Reichswart Loogs brief ingedeeld en voorzien van
een hoofdtitel en twee paragraaftitels. De paragraaftitel "Ein Kapitän von Groß-Deutschland",
die voorafgaat aan Loogs bespreking van het verband tussen kwatrijn
05-51 en de toestand in Europa in 1940, onderbreekt namelijk Loogs commentaar op
dit kwatrijn. Het is onwaarschijnlijk dat Loog op een dergelijke manier
zijn commentaar heeft onderbroken.
Onterechte kritiek op Nostradamus
In het eerste deel van Nostradamus Scharlatan? heeft Loog betoogd dat aan Nostradamus fouten
zijn toegeschreven die in feite voor rekening komen van
commentatoren en lezers. Hij waarschuwde voor het gebruik van Die erstaunlichen Bücher
des Grossen Artztes, Sehers und Schicksals-Propheten Nostradamus in’s
Deutsche übertragen und dem Verständnisse aufgeschlossen (Stuttgart,1850); de
eerste Duitse vertaling van de Centuriën, gemaakt door Edouard
Roesch, die Fervers had gebruikt bij het schrijven van Prophete
rechts, Prophete links... Volgens Loog was de vertaling van Roesch dermate slecht dat degenen die hierop hun commentaren
baseerden, ernstige vergissingen konden maken.
Loog schreef verder dat veel mensen in tijden van oorlog een
gevoel voor mystiek hebben dat zij in tijden van vrede verre van zich houden.
Zij gaan in de Centuriën op zoek naar voorspellingen die overeenkomsten vertonen met de omstandigheden waarin zij verkeren.
Loog meende dat
Nostradamus niet de fouten mogen worden aangerekend die tijdens een dergelijk zoeken
worden gemaakt. In Die Weissagungen des
Nostradamus had hij dit eveneens geschreven.[4]
Hij schreef ook dat het voor serieuze onderzoekers gevaarlijk was zich met de Centuriën
bezig te houden, omdat zij ten prooi zouden kunnen vallen aan bijgeloof.
Loog merkte verder op dat sommige commentatoren een kwatrijn net
zo lang draaien, verkorten of verlengen tot het in
overeenstemming is met hun wensen, als waren zij Procrustes.[5]
Dit was voor tegenstanders van het verschijnsel profetie een
bewijs dat profetie belachelijk was. Loog stelde dat zij een dergelijke
handelwijze niet
Nostradamus moesten aanrekenen, maar de commentatoren in kwestie.
De uitspraak dat Nostradamus een charlatan en bedrieger was omdat hij een
Jood was van de derde generatie, wees Loog als niet toereikend van de
hand.
Loogs
sleutel tot de Centuriën
In Die Voraussagen heeft Loog beschreven hoe Nostradamus volgens hem
de Centuriën had samengesteld. Het niet op volgorde van
vervulling staan van de kwatrijnen is volgens hem het gevolg van de verwarring die
Nostradamus doelbewust heeft gezaaid, onder meer door het gebruiken van een astronomisch
systeem.
Met betrekking tot de sleutel die hij uit de Centuriën
had afgeleid, beschreef Loog in Die Voraussagen astronomische
aspecten die hij noch in Die Weissagungen des
Nostradamus had besproken, noch in Prophezeiungen – eine
Erwiderung, een in het januarinummer van de jaargang 1922 van het
maandblad Psychische
Studien gepubliceerde repliek op kritiek van met name zijn
landgenoot Carl L.F.O. Graf von Klinckowstroem op de sleutel die hij had
afgeleid uit de Centuriën.[6]
Volgens Loog is de opmerking in de Brief aan Henri II dat de profetieën
zijn samengesteld aan de
hand van de keten waarin de volgorde van de tijd ligt opgesloten, een
zinspeling op een
astronomisch systeem. Uitgaande van een
totaal van 939 kwatrijnen bestrijken de Centuriën volgens hem exact 18 Juliaanse jaren. De Legis Cautio, het Latijnse
kwatrijn waarin onwetenden worden gewaarschuwd zich niet met de Centuriën
bezig te houden; vormt naar zijn mening een scheidslijn. Het
aantal van 597 kwatrijnen dat voorafgaat aan de Legis Cautio
levert samen met het totaal van 939 kwatrijnen de siderische omlooptijd
van Saturnus op. De week waarin bepaalde conjuncties van
planeten plaatsvinden, wijst uit welke plaats een kwatrijn heeft in de
oorspronkelijke volgorde.[7]
Loog
over de commentaren van Fervers
In Die Voraussagen vergeleek Loog Fervers' commentaren op
kwatrijnen met de zijne, waarbij hij regelmatig citeerde uit Die Weissagungen des Nostradamus.[8]
In
tegenstelling tot Fervers was Loog van mening dat kwatrijn 08-37 niet
gericht was tegen George VI, in 1940 koning van Engeland, maar was
hierin de onthoofding in 1649 voorspeld van de Engelse
koning Charles I. Volgens hem was in dit kwatrijn onder andere gezinspeeld op de
gevangenschap van Charles I in kasteel Windsor aan de Theems, het feit
dat hij, nadat hij op
het schavot zijn mantel en wambuis had uitgetrokken, in zijn hemd stond,
en het feit dat zijn stoffelijk overschot werd bijgezet in het kasteel.
Ook in Die
Weissagungen des Nostradamus had Loog dit kwatrijn gekoppeld aan
Charles I.[9]
Loog bestreed de opvatting dat de voorspellingen in de Centuriën
die op Duitsland betrekking hebben, louter en alleen ongunstig
zijn en dat kwatrijnen slechts becommentarieerd
kunnen worden als ze betrekking hebben op het verleden. Volgens
hem kan van een aantal kwatrijnen met zekerheid worden gezegd dat ze in
de toekomst in vervulling gaan. Als bewijs voerde hij aan dat hij in Die
Weissagungen des Nostradamus op grond van kwatrijn 03-57 voor 1939
crises verwachtte voor Engeland en Polen, welke verwachting juist was
gebleken. Een vlucht van koning George VI uit Engeland, waarover in
Duitse kranten werd gespeculeerd, zou volgens Loog de zevende keer in
290 jaar zijn dat een Engelse dynastie ten einde zou lopen, waardoor
kwatrijn 03-57 volledig in vervulling zou gaan.
In tegenstelling tot Fervers was Loog van mening dat kwatrijn 05-52 geen
betrekking had op de actuele omstandigheden van hun tijd. Hij deelde
diens mening dat kwatrijn 05-51 daar wel betrekking op had.
Loog schreef niet te willen uitwijden over kwatrijn 03-67, waarin de
opkomst van het nationaal-socialisme zou zijn voorspeld. Wel gaf hij commentaar op kwatrijn
09-90, dat hij koppelde aan de toestand in Hongarije ten tijde van de
Tweede Weense Arbitrage in augustus 1940 en aan een
opstand van Otto von Habsburg, de gewezen koning/keizer van
Oostenrijk-Hongarije. Loog schreef dat zijn commentaar op kwatrijn 09-90
in Die Weissagungen des Nostradamus alleen onjuist was gebleken
met betrekking tot de laaste regel. Hij merkte verder op dat Nostradamus reeds in
de zestiende eeuw de typering Groot-Duitsland gebruikte, een
typering die pas na 1918 algemeen werd gebruikt. Zonder Hitler bij naam
te noemen, verwees Loog naar hem via de woorden "kapitein van
Groot-Duitsland".
Loogs
verdere commentaren in Nostradamus Scharlatan?
In Nostradamus Scharlatan? schreef Loog dat hij in Die
Weissagungen des Nostradamus een reeks van kwatrijnen in het juiste tijdvak,
rond 1940, had gesitueerd, waaronder de kwatrijnen 02-78, 02-100 en 01-61.
Op grond van kwatrijn 06-24 verwachtte Loog dat na de oorlog een
revolutie zou plaatsvinden in Frankrijk, waarna de Franse monarchie zou
worden hersteld. Volgens hem was in kwatrijn 04-100 voorspeld
dat de nieuwe Franse koning zich in Normandië zou vestigen. In
samenhang hiermee schreef Loog op grond van kwatrijn
06-20 dat de Volkenbond dan officieel zou worden opgeheven.
Loog sloot zijn bespreking van de kwatrijnen af met de
retorische vraag hoe het
mogelijk was dat Nostradamus al deze dingen reeds lang van te voren wist en
hoe het in 1921 mogelijk was dit uit de Centuriën op te
maken.
Aan het slot van Nostradamus Scharlatan? schreef Loog dat Fervers gelijk had met
zijn uitspraken aan het einde van diens artikel en dat reeds de oude Grieken het motto hadden dat voor
het vaderland een
voorteken de beste afweer vormt. Loog vulde hierop
aan dat Nostradamus wist waaruit deze afweer bestond: Die Feuer gegen
die Schiffe bringt dem Westen Verderf!.[10]
Commentaar
op Nostradamus Scharlatan?
In het
commentaar in dit artikel op Nostradamus Scharlatan?
wordt allereerst aandacht besteed aan de
sleutel die Loog uit de Centuriën heeft afgeleid. Vervolgens
worden de commentaren in Nostradamus Scharlatan? vergeleken met Die Weissagungen des Nostradamus.
a.
Loogs sleutel tot de Centuriën
In Die Weissagungen des
Nostradamus heeft Loog in hoofdstuk XI (Der Schlüssel zu den
Zenturien), een aantal elementen toegelicht die deel uitmaakten van
de sleutel die hij uit de Centuriën had afgeleid. Hij ging ervan uit dat de looptijd van de Centuriën 22 eeuwen was, in 1555 was
begonnen en in 3797 zou eindigen. Volgens hem had Nostradamus met het
woord Centurie naar de oorspronkelijke rangschikking verwezen van
de kwatrijnen. Nostradamus zou de 939
kwatrijnen oorspronkelijk hebben opgetekend in 22 boeken, namelijk 13
boeken van 43 kwatrijnen, 8 boeken van 42 kwatrijnen en 1 boek van 44
kwatrijnen.
Volgens Loog had Nostradamus een serie maatregelen genomen om de
betekenis van zijn voorspellingen te versluieren. De eerste maatregel was het rangschikken van de
kwatrijnen aan de hand van een codewoord van elf letters, een codewoord
dat in Der
Weissagungen des Nostradamus overigens niet was vermeld.[11] Hierna volgde een
tweede rangschikking, waarover Loog in Die Weissagungen des
Nostradamus evenmin details verstrekte. Vervolgens had Nostradamus de
daaruit ontstane boeken door elkaar geschud op de
manier waarop hij volgens Loog de Latijnse teksten in het Voorwoord aan César en de
Brief aan Henri II door elkaar had geschud. Tenslotte had Nostradamus de
kwatrijnen verdeeld over Centuriën, boeken van 100 kwatrijnen.
Ten behoeve van dit artikel
zijn Loogs berekeningen in Nostradamus
Scharlatan? geverifieerd. Loog schreef dat één kwatrijn één week aangeeft en dat
de 939 kwatrijnen exact 18 Juliaanse jaren bestrijken.
Verificatie: 939 kwatrijnen x 7 dagen : 365,25 dagen = 17,9958 jaar. Verder schreef
hij dat het aantal weken van de 939
kwatrijnen, vermeerderd met het aantal weken van de 597 kwatrijnen die
voorafgaan aan de Legis Cautio, de siderische omlooptijd van
Saturnus aangeeft. Zijn berekening: (597 weken + 939 weken) x 7
dagen : 365,25 dagen = 29,4374 jaar (29 jaar en 160 dagen). Volgens
hedendaagse encyclopedieën is de siderische omlooptijd van Saturnus 29 jaar en
167 dagen.
Volgens eigen zeggen kon Loog met de sleutel die hij uit de Centuriën
had afgeleid, de oorspronkelijke volgorde van de kwatrijnen
reconstrueren en treffende uitspraken doen over verleden, heden en
toekomst. Dit betekent dat de volgorde die Loog reconstrueerde,
gebaseerd was op de vervullingjaren van de kwatrijnen. Deze
vervullingjaren vloeiden op één of
andere manier voort uit het gebruik van de sleutel.
b.
Loogs commentaren in Nostradamus Scharlatan? (1940) versus zijn
commentaren in Die Weissagungen des Nostradamus
(1921 [1920])
Kwatrijn
01-61
Zowel in Die Weissagungen des Nostradamus als in Nostradamus
Scharlatan? heeft Loog de derde regel van kwatrijn 01-61(Leur
grand amas de l'exil malefice) vertaald in "een grote stroom
vluchtelingen".
In Die Weissagungen des Nostradamus
behandelde Loog kwatrijn 01-61 in samenhang met de kwatrijnen 04-100 en
06-24, waarin het herstel zou zijn voorspeld van de Franse monarchie. In Frankrijk
zouden kort na de Eerste Wereldoorlog hevige
onlusten uitbreken, waardoor veel Franse burgers op de
vlucht zouden slaan. Deze vluchtelingenstroom zou Duitsland
ertoe dwingen het Verdrag van Versailles op te zeggen.[12]
In Nostradamus
Scharlatan?
koppelde Loog kwatrijn 01-61 aan de vlucht van 12 miljoen Fransen ten
tijde van de Duitse opmars naar Parijs in 1940 en aan de
vervanging in juni 1940 van het Verdrag van Versailles door de
wapenstilstand tussen Frankrijk en Duitsland. Hij behandelde dit kwatrijn niet in samenhang met de
kwatrijnen 04-100 en 06-24, de kwatrijnen waarin het herstel
van de Franse monarchie zou zijn voorspeld. Die kwatrijnen zouden volgens hem in
vervulling gaan als de oorlog voorbij was.
De kwatrijnen 02-78 en
02-100
In Die Weissagungen des Nostradamus behandelde Loog de kwatrijnen 02-78
en 02-100 in samenhang met kwatrijn 03-57, dat er volgens hem op duidde dat
Engeland vanaf 1939 in verval zou raken. Volgens Loog duidde kwatrijn 02-78 erop dat de macht van
Engeland alleen zou kunnen worden gebroken door duikboten. In kwatrijn 02-100 was
volgens hem gezinspeeld op een soort communistische opstand in
Engeland die het karakter zou hebben van een opstand in Duitsland onder
leiding van
"roverhoofdman" Hölz, zoals Loog hem aanduidde.[13]
In Nostradamus Scharlatan? koppelde Loog de kwatrijnen
02-78 en 02-100 aan de omstandigheden waarin Engeland volgens een Duitse
krant verkeerde in de zomer van 1940. Dit vervullingmoment valt min of meer samen met het
moment dat hij heeft aangehouden in Die Weissagungen des Nostradamus.
Kwatrijn
03-57
In Die Weissagungen des Nostradamus
had Loog, in navolging van de Engelsman Dietrich de Dobeler, de
schrijver van The
Prophecies of Nostradamus concerning the fate of all the kings and
queens of Great Britain since the Reformation. Now made in English by
D.D.
(Londen, 1715, in hetzelfde jaar vertaald in het Duits en het Nederlands) gerekend met zes
veranderingen in Engeland in de periode 1649-1714. Het
gemeenschappelijk kenmerk van deze veranderingen was dat ze het
begin vormden van de regeerperiode van een nieuw vorstenhuis. Als begeleidende gebeurtenissen noemde
Loog de onthoofding van Charles I, twee staatkundige veranderingen, het invoeren
van het katholieke geloof, een onttroning, een economische crisis en het
gekroond worden tot koning van Engeland van een lid van het Duitse
vorstenhuis Hannover.
De zes veranderingen in Engeland die Loog in Nostradamus Scharlatan? opsomde,
hadden het einde van de regeerperiode van een vorstenhuis als gemeenschappelijk kenmerk,
waardoor de samenstelling verschilde van die in Die Weissagungen des
Nostradamus.[14]
De gebeurtenissen in Polen
in september 1939 sloten volgens Loog aan bij wat hij in Die Weissagungen des
Nostradamus had geschreven over crises in Engeland en Polen in
1939 en kwatrijn 03-57 stond volgens hem op het punt om volledig in vervulling te gaan.
In Duitse kranten werd in die tijd namelijk gespeculeerd over een vlucht van de Engelse koning George
VI. Loog was van mening dat een dergelijke vlucht het einde zou kunnen
betekenen van
het Huis Windsor. In dat geval zou voor de zevende maal in 290 jaar een
Engelse dynastie ten einde lopen en zou kwatrijn 03-57 volledig zijn
vervuld, op de manier die Loog in Nostradamus Scharlatan? had beschreven: een looptijd van ongeveer 290 jaar, gerekend
vanaf 1649; het zeven keer ten einde lopen van een regeerperiode, waarvan de
eerste keer op bloedige wijze (de onthoofding van koning Charles I in
1649) en de laatste keer in 1940/41 (de vlucht van George VI); geen
Franse invloeden op Britse koningshuizen maar Duitse in de vorm van
de kroning in 1714 van George I van het Huis Hannover tot koning van
Engeland en het huwelijk van Elisabeth I in 1837 met Albert von Saksen-Coburg,
en het feit dat
Engeland en Polen in 1939 door het uitbreken van de oorlog gelijktijdig
in ernstige problemen waren geraakt.
Kwatrijn
03-67
In Die
Weissagungen des Nostradamus had Loog in zijn commentaar op kwatrijn
03-67 geschreven dat in Duitsland snel, dat wil zeggen kort na 1918, een stroming zou
ontstaan die gekant was tegen
rijkdom en materieel genot en navolging zou vinden in de rest van de
wereld. Loog noemde geen jaartal.[15]
In Nostradamus Scharlatan? heeft Loog geschreven
niet over dit kwatrijn - waarin het
nationaal-socialisme zou zijn aangekondigd - te willen uitwijden. Fervers
had dit kwatrijn overigens niet ter sprake gebracht.
De kwatrijnen
04-100, 06-20 en 06-24
In Die Weissagungen des Nostradamus had Loog
kwatrijn 06-24 gekoppeld aan september 1919, toen Mars in Kreeft
conjunct Jupiter stond. Volgens
hedendaagse software liepen Mars en Jupiter in september 1919 door
Leeuw en stonden zij op 2 september 1919
conjunct op 7 Leeuw. In samenhang met kwatrijn 04-100
verwachtte Loog dat enkele jaren na 1919 de Hertog van Orléans, die in
maart 1920 in Engeland verbleef, of zijn zoon, zou oversteken naar Normandië en koning van Frankrijk
zou worden. Loog doelde hiermee op de overigens kinderloze Louis-Philippe-Robert
d'Orléans (1869-1926),
achterkleinzoon van koning Louis-Philippe, die na het overlijden van zijn vader
door veel Franse
royalisten als hun wettige koning werd beschouwd. In samenhang met het jaar
1939, afgeleid uit kwatrijn 03-57, schreef Loog dat Frankrijk tot
voorbij 1939 rust en vrede zou kennen
vanwege het vredelievende beleid van de nieuwe koning en zijn opvolger.
Loog
plaatste kwatrijn 06-20 kort na het einde van de Eerste Wereldoorlog,
zonder een vervullingjaartal te noemen.[16]
In Nostradamus Scharlatan? stelde Loog dat in
Frankrijk volgens kwatrijn 06-24 na afloop van de oorlog die in
september 1939 was uitgebroken, een revolutie zou plaatsvinden. Aansluitend zou volgens kwatrijn 04-100 de Franse monarchie worden
hersteld, uitgaande van Normandië. Loog schreef niet wanneer de
oorlog zou zijn afgelopen. Tegelijkertijd zou volgens kwatrijn 06-20 de
Volkenbond ophouden te bestaan.
Kwatrijn
05-51
In Die Weissagungen des Nostradamus had Loog
kwatrijn 05-51 gekoppeld aan de jaren na 1918; Bohemen, Polen en
Roemenië besproken als bondgenoten van Engeland en gespeculeerd
over een conflict tussen Italië en Spanje over de vrije
doorvaart door de Straat van Gibraltar.[17]
In Nostradamus Scharlatan? leidde Loog het
commentaar op kwatrijn 05-51 in met de woorden "vandaag de dag,
1940, weten wij..." en besprak hij Bohemen, Polen en
Roemenië als landen die door Engeland in de steek
waren gelaten. Hij koppelde kwatrijn 05-51 aan de
Sudetencrisis (Bohemen, 1938), de Duitse inval in Polen (1939) en de
toewijzing van Roemeense gebieden aan de Sovjet-Unie en Italië
(1940). In al deze gevallen had Engeland de garantie op de
soevereiniteit van deze landen en gebieden niet kunnen waarmaken.
Loog schreef niets over een conflict over de vrije doorvaart door de
Straat van Gibraltar.
Kwatrijn
09-90
In Die Weissagungen des Nostradamus
had Loog kwatrijn 09-90 besproken als een voorbeeld van falende naoorlogse Duitse politiek. De woorden Kapitän
von Groß-Deutschland hadden volgens hem betrekking op de Duitse
president (Friedrich Ebert, TvB), die volgens hem rond 1920 niets deed om een gewezen koning van
Oostenrijk-Hongarije (Karl I, TvB) te helpen bij het verwezenlijken
van diens aanspraken op de troon.[18]
In Nostradamus Scharlatan? leidde Loog het
commentaar op kwatrijn 09-90 in met de woorden "vandaag de dag, 1940,
weten wij...". Volgens hem was inmiddels gebleken dat
slechts zijn duiding van de laatste regel van kwatrijn 09-90 onjuist was:
niet Duitsland, maar Engeland en Frankrijk hadden Otto von Habsburg, de gewezen
keizer/koning van Oostenrijk-Hongarije (en zoon van Karl I, TvB), die volgens Loog in opstand was
gekomen, hulp
voorgewend.
Met de opmerking dat Duitsland de echte helper van Hongarije was gebleken,
doelde Loog op de Tweede Weense Arbitrage in augustus 1940,
voorgezeten door Joachim von
Ribbentrop, de minister van Buitenlandse Zaken in nazi-Duitsland,
waarbij de Hongaarse territoriale aanspraken op Roemenië ten dele
werden ingewilligd. Loog verwees in
dit verband naar Hitler, zonder diens naam te noemen.
Volgens
Loog had Nostradamus alles voorzien wat in Nostradamus Scharlatan?
was besproken. Hij, Loog, had dit in 1920 in Die Weissagungen des Nostradamus
uit de Centuriën
gedestilleerd.
Naar mijn mening kan dit op goede gronden worden
bestreden.
Loogs commentaren op de kwatrijnen bevatten meestal drie elementen: de
aard van gebeurtenissen, het land waarin ze zich afspelen en het jaar of
de periode waarin ze zich voordoen. Hij verwijst regelmatig naar
personen. In mijn ogen is een commentaar treffend als bij
een terugblik blijkt dat de beschreven gebeurtenis zich heeft voorgedaan
in het land in kwestie in het genoemde jaar of de periode, en dat,
wanneer destijds personen zijn genoemd, deze personen bij de gebeurtenis
zijn betrokken op de manier zoals beschreven. Als er sprake
is van een andere gebeurtenis, een ander land, een ander jaar/periode
en/of andere personen, is het commentaar niet treffend geweest.
Vergelijking van de commentaren in Nostradamus Scharlatan? met die
in Die Weissagungen des Nostradamus laat het volgende zien.
Kwatrijn
01-61
Volgens Die Weissagungen des Nostradamus had dit kwatrijn
betrekking op een stroom vluchtelingen uit Frankrijk naar Duitsland
vanwege een
revolutie in Frankrijk na de Eerste Wereldoorlog, waarna de Franse monarchie zou
worden hersteld. Duitsland zou door de vluchtelingenstroom genoodzaakt
zijn het Verdrag van Versailles op te zeggen. In die tijd sloegen Fransen echter niet massaal op de
vlucht, was er geen revolutie en evenmin een herstel van de Franse
monarchie. Dit commentaar is niet treffend geweest, wat Loog in 1940 had
kunnen weten.
In Nostradamus Scharlatan? was eveneens sprake van een
vluchtelingenstroom, maar dan één in Frankrijk zelf, die werd veroorzaakt door Duitse agressie in
1940. Hierover staat in Die Weissagungen des Nostradamus niets
vermeld.
De kwatrijnen 02-78 en
02-100
In Die Weissagungen des Nostradamus en Nostradamus Scharlatan? heeft
Loog deze kwatrijnen behandeld in samenhang met kwatrijn 03-57, dat volgens
hem een looptijd had tot 1939. In beide publicaties is
voor deze kwatrijnen de periode na 1939 aangehouden als vervullingperiode.
Het verschil tussen de commentaren op deze kwatrijnen in Die
Weisssagungen des Nostradamus en Nostradamus Scharlatan? is
dat Loog in Nostradamus Scharlatan? een oorlogssituatie heeft besproken
die hij in Die Weissagungen des Nostradamus niet in het vooruitzicht
had gesteld. De "communistische opstand" die zich volgens
Loogs commentaar in Die Weissagungen
des Nostradamus op kwatrijn 02-100 in Engeland zou voordoen,
heeft zich niet voorgedaan. Loogs commentaar in Die Weissagungen des Nostradamus is niet treffend
geweest, iets dat hij in 1940 had kunnen weten.
Kwatrijn
03-67
Uit Nostradamus Scharlatan? kan niet
worden afgeleid hoe Loog tegen het nationaal-socialisme aankeek
en of hij van mening was dat in zijn commentaar in Die
Weissagungen des Nostradamus op kwatrijn 03-67 sprake was
van het aankondigen van het nationaal-socialisme.
De kwatrijnen
04-100 en 06-24
Loog heeft in Die Weissagungen des Nostradamus en Nostradamus
Scharlatan? geschreven dat de kwatrijnen 04-100 en 06-24 betrekking
hadden op onlusten in Frankrijk, gevolgd door het herstel van de Franse
monarchie, uitgaande van Normandië. Echter, volgens Loogs commentaar in Die Weissagungen des Nostradamus
zou dit zich kort na 1920 voordoen, terwijl volgens Nostradamus Scharlatan? dit zich na afloop van de oorlog die in 1939 was
uitgebroken, zou voordoen, zonder dat een jaartal werd gegeven waarin die
oorlog volgens de Centuriën voorbij zou zijn.
In de jaren '20 brak er in Frankrijk
geen revolutie uit en de - kinderloze (!) - Hertog van Orléans ondernam
geen pogingen om over te steken naar Normandië teneinde in Frankrijk de
monarchie te herstellen. In 1940 kon Loog dus weten dat zijn commentaar
in Die Weissagungen des Nostradamus op de kwatrijnen 04-100 en
06-24 niet treffend was geweest.
Kwatrijn
05-51
In Die Weissagungen des Nostradamus had Loog kwatrijn 05-51
gekoppeld aan de periode na 1918. In zijn commentaar beschreef hij Bohemen, Polen en Roemenië als bondgenoten van
Engeland. Het conflict tussen Italië en Spanje over de vrije doorvaart
door de Straat van Gibraltar waarover hij speculeerde, heeft zich niet
voorgedaan.
In Nostradamus Scharlatan? koppelde Loog kwatrijn 05-51
aan de periode 1938-1940. Bohemen, Polen en Roemenië waren in dit
commentaar de landen die het slachtoffer waren van de te wensen over
latende Engelse steun. Hierover is in Die Weissagungen des Nostradamus
niets vermeld. Loog had in 1940 kunnen weten dat zijn commentaar in Die
Weissagungen des Nostradamus op kwatrijn 05-51 totaal anders luidde
en dat dat commentaar wat betreft Gibraltar niet treffend was geweest.
Kwatrijn
09-90
In Die Weissagungen des Nostradamus had Loog kwatrijn 09-90
gekoppeld aan de periode rond 1920 en de in zijn ogen falende Duitse
buitenlandse politiek na de Eerste Wereldoorlog. Hij koppelde dit kwatrijn aan de Duitse president
Ebert en de Oostenrijks-Hongaarse koning Karl I, die in 1918 afstand had
gedaan van de troon zonder zijn aanspraken op te geven. In Nostradamus
Scharlatan? koppelde hij kwatrijn 05-51 aan Otto von Habsburg en aan
de Tweede Weense Arbitrage onder verwijzing naar Hitler als "de kapitein van Groot-Duitsland". Dit commentaar is wezenlijk
anders dan het commentaar in Die Weissagungen des Nostradamus,
iets dat Loog in 1940 had kunnen weten.
Kwatrijn
03-57 en de Tweede Wereldoorlog
In Die Weissagungen des Nostradamus had Loog de eerste jaren
na het einde van de Eerste Wereldoorlog aangehouden als jaren waarin de
kwatrijnen
01-61, 04-100, 05-51, 06-20, 06-24 en 09-90 in vervulling zouden gaan.
Anders gezegd: Loog meende dat deze kwatrijnen binnen een paar
jaar na het schrijven van Die Weissagungen des Nostradamus in
vervulling zouden gaan. Misschien zijn deze vervullingjaren
voortgevloeid uit de sleutel die hij uit de Centuriën had
afgeleid.
In Nostradamus Scharlatan? plaatste Loog de kwatrijnen
01-61, 04-100, 05-51, 06-20, 06-24 en 09-90 rondom het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.
Zijn commentaar op de kwatrijnen 05-51 en 09-90 leidde hij in met de woorden "vandaag de dag, 1940, weten wij...". Ook in
het commentaar op kwatrijn 03-57 greep hij terug op 1940, vanwege de
speculaties in Duitse kranten over een vlucht van George VI.
De gebeurtenissen die zich
volgens Loog kort na de Eerste Wereldoorlog zouden voltrekken, hadden niet
plaatsvonden. De opmerking "vandaag de dag, 1940, weten
wij..." kan betekenen dat de vervullingjaren van deze kwatrijnen niet voortvloeiden uit de sleutel die
Loog uit de Centuriën
had afgeleid, maar uit het koppelen van deze kwatrijnen aan andere
gebeurtenissen en personen.
Loog had in Die Weissagungen des Nostradamus niets geschreven
over een grootschalig Europees conflict of een wereldoorlog die
Nostradamus voor 1939 in het vooruitzicht zou hebben gesteld. In zijn
commentaar op kwatrijn 03-57 had Loog onder andere de opmerking gemaakt
dat in 1939 gelijktijdig crises zouden uitbreken in Engeland en Polen.
Wat betreft Engeland had hij, getuige de woorden eine merkwürdige
Krise aan het begin van hoofdstuk VIII, geen idee wat voor soort
crisis in Engeland zou uitbreken. Over de aard van de crisis in
Polen had hij in het geheel niets geschreven.
Uit Die Weissagungen
des Nostradamus blijkt niet of er een samenhang zou zijn tussen
wat zich in Engeland en Polen zou afspelen of
over de betrokkenheid van andere landen bij deze crises. De gedachte dat de kritieke toestand waarin Polen belandde als gevolg
van de Duitse invasie in september 1939, aansluit op Loogs commentaar
over een crisis in Polen, is op zich logisch, ware het niet dat er
sprake was van een Duitse invasie die een wereldoorlog tot gevolg had.
Loog verwachtte niet eerder dan rond 2100 een nieuwe wereldoorlog
waarbij Duitsland zou zijn betrokken. Hij baseerde dit op
kwatrijn 10-72, waarin volgens hem de
geboorte in 1999 was aangekondigd van de Franse koning Hendrik de Gelukkige en het
aanbreken na 2040 van een 57 jaar durende periode van vrede, voorspeld in kwatrijn
10-89.[19]
Tot tweemaal toe had Loog in Die Weissagungen des Nostradamus geschreven
dat Duitsland lange
tijd een ondergeschikte rol in Europa zou spelen. In
samenhang met kwatrijn 05-51 schreef hij: "Arm Duitsland,
je zal veel tijd nodig hebben om je weer enigszins op te
werken."[20]
Verderop schreef hij dat Duitsland, gerekend vanaf het in
werking treden van het Verdrag van Versailles, 200 jaar nodig
zou hebben om zich vanuit haar ondergeschikte rol weer op te werken tot de haar toekomende
status van grootmacht. Loog zag hierin een herhaling van de
toestand in Duitsland na de Vrede van Westfalen in
1648, die in zijn ogen net zo vernederend was voor Duitsland als
het Verdrag van Versailles: ook toen had Duitsland 200 jaar
nodig om weer een welvarend land te worden.[21]
Echter, reeds in 1938 had Groot-Duitsland concrete vormen aangenomen, iets
waarop dr. Bruno Winkler had gewezen in Nostradamus und seine
Prophezeiungen für das zwanzigste Jahrhundert (Görlitz, 1939
[1938]).[22]
In samenhang met het jaar 1939, dat wil zeggen kwatrijn 03-57, schreef Loog
in zijn commentaar op kwatrijn 10-46 dat in Duitsland weer keurvorsten aan de macht zouden komen en
vermoedelijk ook een keizer, wat het einde zou betekenen van de Weimar-republiek.
Over Duitse gevechtshandelingen in deze periode schreef hij niets.[23]
Weliswaar kwam door de opkomst van Hitler een einde aan de
Weimar-republiek; Duitsland werd echter geen koninkrijk of keizerrijk. In september
1939 vielen de Duitsers Polen binnen, een wapenfeit waarover in Die
Weissagungen des Nostradamus niets in het vooruitzicht was gesteld.
In een aanvullend commentaar op kwatrijn 06-24 schreef Loog in samenhang
met kwatrijn 03-57 dat Frankrijk na 1939 nog lange tijd in vrede
zou bestaan. Dit was de verdienste van de Hertog van Orléans (of diens
zoon [sic]), van wie Loog op grond van de kwatrijnen 04-100 en 06-24 had
verondersteld dat hij in de jaren '20 de Franse monarchie zou herstellen.[24]
In september 1939 echter verklaarde Frankrijk Duitsland de oorlog;
in mei 1940 viel Duitsland Frankrijk binnen.
De balans opmakend, zien wij dat Nostradamus volgens Loog een nieuwe
wereldoorlog niet eerder dan voor 2100 in het vooruitzicht stelde. De crises
die volgens Loog in 1939 in Engeland en Polen zouden uitbreken, zouden geen consequenties
hebben voor andere landen: Duitsland zou van een republiek
veranderen in een koninkrijk of keizerrijk en Frankrijk zou tot lang na
1939 in vrede leven. Echter, in september 1939 viel
Duitsland Polen binnen. Engeland en Frankrijk verklaarden Duitsland
de oorlog. Andere landen mobiliseerden hun legers. In september 1939 was
de nieuwe wereldoorlog een feit. Loog heeft ten tijde
van het schrijven van Die Weissagungen des Nostradamus niets uit de Centuriën
gedestilleerd dat hierop ook maar enigszins aansloot.
In Nostradamus Scharlatan? heeft Loog een toekomstbeeld gegeven
aangaande Engeland, Frankrijk en de Volkenbond. Deze toekomstbeelden zijn
geen werkelijkheid geworden.
Naar aanleiding van speculaties in Duitse kranten over een vlucht van
George VI schreef Loog in zijn commentaar op kwatrijn 03-57 dat een
dergelijke vlucht het einde van het Huis Windsor zou betekenen; de
zevende keer in 290 jaar dat in Engeland een einde zou komen aan de
regeringsperiode van een vorstenhuis. De loop van de geschiedenis heeft
hem niet in het gelijk gesteld. George VI is niet gevlucht en anno 2006
bestaat het Huis Windsor nog steeds. De serie van zeven veranderingen
die Loog noemde, kan niet worden gekoppeld aan kwatrijn 03-57.
Over de kwatrijnen 04-100 en 06-24 schreef Loog dat na de oorlog in
Frankrijk een revolutie zou uitbreken, waarna vanuit Normandië de
monarchie zou worden hersteld. Dit is echter niet gebeurd. In samenhang met deze kwatrijnen
schreef hij dat in
kwatrijn 06-20 was voorspeld dat de Volkenbond dan officieel zou worden
opgeheven. Aan het
bestaan van de Volkenbond kwam op 19 april 1946 een einde. Haar taken
werden overgenomen door de in 1945 opgerichte Organisatie van de Verenigde
Naties. De vraag is of Loog met zijn toekomstbeeld heeft bedoeld dat de
Volkenbond tot een einde zou komen zonder te worden vervangen door een
andere organisatie.
De
aard van Nostradamus Scharlatan?
Nostradamus
Scharlatan? is Loogs reactie op de kritische bijdrage van Fervers,
gepubliceerd in #45 van de jaargang 1940 van Der Reichswart. Loog
had, zo blijkt uit het inleidend deel van Nostradamus Scharlatan?,
de redactie van Der Reichswart gevraagd hem het woord te geven in het kader van het aloude Romeinse beginsel van hoor en wederhoor (audiatur
et altera pars).
In het nawoord bij de vierde druk van Die Weissagungen des
Nostradamus (oktober 1921) had Loog geschreven dat hij met Die
Weissagungen des Nostradamus het verschijnsel helderziendheid onder
de aandacht had willen brengen, bewijzen had willen leveren voor het
bestaan ervan en merkwaardige en interessante vondsten had willen
presenteren van zijn onderzoek naar de Centuriën.[25]
Loog wilde met Nostradamus
Scharlatan? bewijzen dat Nostradamus in de zestiende eeuw
de omstandigheden in Europa in 1938-1940 had voorzien en dat hij, Loog, de contouren
daarvan had
beschreven in Die Weissagungen des Nostradamus. In dit artikel
is aangetoond dat hij in Nostradamus Scharlatan? de commentaren
in Die Weissagungen des Nostradamus die onjuist waren gebleken
ten onrechte heeft bestempeld als "contouren" of in het geheel
niet heeft besproken. Het belangrijkste punt van kritiek op Nostradamus
Scharlatan? is dat Loog niet openlijk heeft toegegeven dat hij in Die
Weissagungen des Nostradamus niets had geschreven over het uitbreken
in 1939 van een grootschalig Europees conflict. Verder doet Nostradamus
Scharlatan? de vraag rijzen of Loogs sleutel bepalend was voor
vervullingjaren of gebeurtenissen.
Nostradamus Scharlatan? is naar mijn mening geen propagandistisch
artikel. Propagandistische artikelen kenmerken zich door het intimideren
of beschimpen van de tegenstander en/of het mobiliseren van de
binnenlandse publieke opinie.[26]
In Nostradamus Scharlatan? staan nogal wat opmerkingen die
gericht zijn tegen Engeland. Niets in Nostradamus Scharlatan? wijst
er echter op dat Loog het moreel
van de vijanden van Duitsland wilde ondermijnen of de Duitse bevolking
vierkant achter Hitler wilde krijgen. Zijn opmerkingen over
Groot-Duitsland zijn naar mijn mening door nationalistische sentimenten
ingegeven, niet door nationaal-socialistische.
Loog vond het argument dat
Nostradamus een charlatan en bedrieger was omdat hij een Jood was uit de
derde generatie, niet toereikend, een kanttekening waarmee hij in die
tijd waarschijnlijk behoorlijk zijn nek uitstak.
Wat verder opvallend is, is dat Loog in Nostradamus Scharlatan? heeft
geschreven dat Die Weissagungen des Nostradamus al lang was
uitverkocht. De Deutsche Nationalbibliothek en de Staatsbibliothek
zu Berlin zijn in het bezit van exemplaren van heruitgaven uit 1940
van zowel de vijfde als de zesde druk van Die Weissagungen des
Nostradamus.
Loog
versus Winkler
In het commentaar op kwatrijn 01-61 kwalificeerde Loog een niet nader
genoemde collega, die in 1939
de derde en vierde regel van kwatrijn 01-61(Leur
grand amas de l'exil malefice fera Sueve ravir leur grand contract)
had vertaald in "De grote massa werklozen maakt het voor Duitsland
noodzakelijk het Grote Contract (het Verdrag van Versailles) te
verscheuren", een plagiator en een Procrustes. De door Loog gewraakte passage staat op p.37-38 van Nostradamus
und seine Prophezeiungen für das zwanzigste Jahrhundert (dr. Bruno
Winkler, Görlitz,
1939 [1938]).
Het is niet duidelijk waarom Loog Winkler van plagiaat beschuldigde of
van het te werk gaan als een Procrustes. In al zijn publicaties over Nostradamus had Winkler
consequent de publicaties vermeld die hij had geraadpleegd, met pagina
en al. Daar komt bij dat Winkler in zijn publicaties altijd respect
betoonde voor Loog, wat bijvoorbeeld bleek uit zijn kwalificatie dat
Loogs decoderingspoging zeer vernuftig was.[27]
Misschien was Loog ontstemd over
Winklers Englands Aufstieg und Niedergang nach den Prophezeiungen des
großen französischen Sehers Michel Nostradamus aus den Jahren 1555 und
1558 (Leipzig, 1940), waarin deze de oorlog besprak aan de hand
van onder andere kwatrijn 03-57, dat hij in Und dies geheimnisvolle
Buch...! had gekoppeld aan de periode 1461-1751 en in Nostradamus
und seine Prophezeiungen... in het geheel niet had besproken.[28]
In Englands Aufstieg und Niedergang... had Winkler aandacht
besteed aan de Fransman Charles Nicoullaud, die in Nostradamus - ses
prophéties (Parijs, 1914) had geschreven dat de serie van zeven
veranderingen in Engeland waarvan in kwatrijn 03-57 gewag werd gemaakt,
een zinspeling was op zeven veranderingen met betrekking tot regerende
vorstenhuizen. Winkler besteedde geen aandacht aan de serie van zes
gebeurtenissen tussen 1649 en 1714 die Loog had aangehouden. Loog was volgens hem degene die in 1921 het jaar 1939 als
noodlotjaar voor Polen had bestempeld.[29]
Het is ook mogelijk dat Loog ontstemd was over de kanttekening die
Winkler in Nostradamus und seine Prophezeiungen... had geplaatst
bij Loogs aanname dat Duitsland, gerekend vanaf 1918, tweehonderd jaar
nodig zou hebben om zich op te werken tot grootmacht. Winkler was
namelijk tot de conclusie gekomen dat Loog zich had vergist, omdat het Duitsland
naar zijn mening binnen twintig
jaar was gelukt om weer een grootmacht te zijn.[30]
De
lotgevallen van Nostradamus Scharlatan?
In bijlage 7 van een rapport over de stand van zaken in Duitsland op het
gebied van astrologische publicaties, dat vermoedelijk eind 1940 / begin
1941 is samengesteld, is met misnoegen gereageerd op onder andere Nostradamus
Scharlatan?. Deze bijlage had als titel Kriegspropaganda durch
Nostradamus.
In Kriegspropaganda durch Nostradamus verwees de rapporteur naar
een verordening van Alfred Rosenberg, de partij-ideoloog van de NSDAP,
uitgevaardigd op grond van een niet nader omschreven document, opgesteld
op 30 januari 1940. In Rosenbergs verordening stond dat de Centuriën
vanuit de kant van de NSDAP niet meer mochten worden
besproken. Ondanks deze verordening waren eind 1940 paginagrote
artikelen over Nostradamus gepubliceerd in twee bekende Duitse
tijdschriften, namelijk Der Reichswart en Der Märkische
Adler, amtliches Organ der Ostmark der Nationalsozialistischen
Deutschen Arbeiterpartei (1926-1945). Verder werd de verspreiding
onder vooraanstaande partijleden bekritiseerd van Kraffts fotokopie van
een editie-B.Rigaud-1568, vergezeld door diens Einführung
zu den PROPHÉTIES de Maistre Michel Nostradamus (Frankfurt am Main,
1940).
In de bijlage Kriegspropaganda durch Nostradamus werd gesteld dat
wie in de Centuriën een leidraad zag, zichzelf overleverde
aan het fatalisme dat ten grondslag lag aan de opvatting dat
gebeurtenissen in de twintigste eeuw als voldongen feit waren opgetekend
in orakeluitspraken, daterend uit het midden van de zestiende eeuw. Het was de rapporteur een
doorn in het oog dat Der Reichswart had toegelaten dat Loog in Nostradamus
Scharlatan? met zijn uitleg van de woorden "kapitein van
Groot-Duitsland" de persoon van de Führer bij de Centuriën
had
betrokken. Het feit dat Loog had geschreven in het bezit te zijn van de
sleutel tot de Centuriën, zodat hij iedere voorspelling van
Nostradamus kon ontraadselen, betekende volgens de rapporteur dat
leidende personen niets anders meer hoefden te doen dan zich tot Loog te
wenden om te weten te komen wat er nog meer in het vooruitzicht lag.
Aan het slot van de bijlage werd met klem aanbevolen ervoor te zorgen dat
oorlogsprofetieën de kop in gedrukt zouden worden, die van Nostradamus
in het bijzonder.
Op 27 mei 1940 was in de Völkischer Beobachter, de partijkrant
van de NSDAP, het artikel Die Kolonne des Nostradamus
gepubliceerd, geschreven door dr. Th.Fr. Böttiger.[31]
Kraffts Einführung is gedrukt op 12 oktober 1940. De
gewraakte editie van Der Reichswart dateert uit december 1940,
die van Der Märkische Adler uit januari 1941. Het is niet ondenkbaar dat de verordening van Rosenberg uit de
tweede helft van 1940 dateert. De kritiek van de rapporteur dat de
redactie van Der Reichswart het Loog had toegestaan de woorden
"kapitein van Groot-Duitsland" te koppelen aan Hitler, lijkt
de opmerking van Noelle te bevestigen dat het in eerste instantie aan de
redacties was om zich te buigen over de inhoud van artikelen.
De Meern, 22
oktober 2006
T.W.M.
van Berkel
bijgewerkt op 26 november 2006
Voor
het schrijven van dit artikel is een kopie gebruikt van Loogs Prophete
rechts - Prophete links - War Nostradamus wirklich Scharlatan und
Betrüger? (Staatsbibliothek zu Berlin, signatuur 2"
Ad 768MR / Unter den Linden).
Noten
-
Van Berkel:
- Kwatrijn 03-57 en Die Weissagungen des
Nostradamus (C. Loog, Pfullingen in Württemberg, 1921 [1920]);
- De lotgevallen in 1939 van Mysterien
von Sonne und Seele (dr. H.H. Kritzinger, DE, 1961);
- Informatie over C. Loog;
- Informatie over dr. H-H. Kritzinger.
[tekst]
-
Van Berkel: Prophete rechts, Prophete
links... (K. Fervers, Der Reichswart #45, 7 november
1940).
Het artikel in #45 van Der Reichswart is mogelijk geschreven door Hans
Kurt Fervers (Fiebig aan Van Berkel, 24 oktober 2006). Hans Kurt
Fervers,
geboren op 18 september 1911, was afdelingshoofd in het persbureau van de NSDAP.
Hij heeft zich vanuit nationaal-socialistisch oogpunt beziggehouden
met de Duitse jeugd en heeft een groot aantal publicaties
geschreven, gericht tegen Joden en vrijmetselaars.
Enkele
wetenswaardigheden over het weekblad Der Reichswart staan in
het artikel Informatie
over Der Reichswart (een nationaal-socialistisch weekblad,
Berlijn, 1920-1944). [tekst]
-
Van Berkel: Die
Erschaffung der Demoskopie (W. Hagen im Gespräch mit E.
Noelle-Neumann, 1998 [1996]) [tekst]
-
Loog-1921,
p.109: "Tijdens en na oorlogstijden krijgt de hang naar mystiek
gemakkelijk voet aan de grond, waardoor mensen minder kritisch
worden." [tekst]
-
Procrustes:
een rover uit de Griekse mythologie die reizigers overviel en
gevangen hield. Een reiziger die klein was van gestalte, rekte hij
uit in een lang bed; een reiziger die groot was van gestalte, werd
net zo lang verminkt tot hij in een klein bed paste. [tekst]
-
Psychische
Studien stond in die tijd onder redactie van Kritzinger, die in Mysterien von Sonne und Seele (Berlijn,
1922 [1921]) over de discussie tussen Von Klinckowstroem en Loog had
geschreven dat de kritiek van Von Klinckowstroem voor de hand lag en
het verweer van Loog plausibel was (Kritzinger-1922, p.127).
[tekst]
-
Ook
in Die Weissagungen des Nostradamus heeft Loog gerekend met
939 kwatrijnen; hij heeft de kwatrijnen 01-01 en 01-02 en de Legis
Cautio niet meegerekend. Zijn brontekst is Le Pelletiers Les
oracles de Michel de Nostredame, Parijs, 1867 (Loog-1921,
p.8). Hierin bestaat Centurie 6 uit 99 genummerde kwatrijnen
en één ongenummerd kwatrijn (de Legis Cautio) en Centurie
7 uit 42 kwatrijnen. De overige Centuriën tellen ieder
honderd kwatrijnen. [tekst]
-
Loog
heeft verwezen naar een andere druk van Die Weissagungen des
Nostradamus dan de zesde druk die in dit artikel
is bestudeerd en
die 132 pagina's telt (de eerste druk telde 135 pagina's). Hierdoor
verschillen Loogs paginaverwijzingen in Nostradamus Scharlatan? van de paginaverwijzingen
in dit artikel. De pagina's waarnaar Loog heeft verwezen,
zijn tussen haken vermeld. [tekst]
-
Loog-1921,
p.20-21 (p.22). De tekst van kwatrijn 08-37 in Nostradamus Scharlatan? is identiek aan die in Die Weissagungen
des Nostradamus. [tekst]
-
De zin
Die
Feuer gegen die Schiffe bringt dem Westen Verderf! is Loogs
vertaling van de tweede regel van kwatrijn 09-100. De Franse tekst
van deze regel luidt: Le feu aux naves à l'Occident ruine.[tekst]
-
Op de laatste pagina
van de eerste druk van Die Weissagungen des Nostradamus had
de uitgever vermeld dat Loog hem op 22 december 1920 onder strikte
geheimhouding het codewoord kenbaar gemaakt. Enkele weken later legde
Loog ten overstaan van een notaris onder ede een verklaring af over
zijn sleutel (Howe,
p.218-219). [tekst]
-
Loog-1921, p.61-62
(p.65). [tekst]
-
Loog-1921, p.70-71
(p.75).[tekst]
-
Paragraaf
"Loogs commentaar in 1940 op kwatrijn 03-57" in: Van Berkel: Kwatrijn 03-57 en Die
Weissagungen des Nostradamus (C. Loog, Pfullingen in
Württemberg, 1921 [1920]). [tekst]
-
Loog-1921, p.67-68
(p.72). [tekst]
-
Loog-1921, p.60-61, 65
en 72. [tekst]
-
Loog-1921, p.66 (p.71). [tekst]
-
Loog-1921, p.66-67
(p.71). [tekst]
-
Loog-1921, p.86.
Kwatrijn 10-89 draagt in Die Weissagungen des Nostradamus het
foutieve nummer IX-89. [tekst]
-
Loog-1921, p.66. [tekst]
-
Loog-1921, p.86. [tekst]
-
Winkler-1939, p.45. [tekst]
-
Loog-1921, p.71. [tekst]
-
Loog-1921, p.68-72. [tekst]
-
Loog-1921, p.130. [tekst]
-
Van Berkel: Quadrains
de Nostradamus Imprimez à Aix en Provence, 1525 / Eenige Prophetien
van Michiel Nostradamus, van 't jaer 1525, tot Ake in Proventie
gedruckt, dewelcke nu in dese tijd worden vervuldt. [tekst]
-
Winkler-1939, p.44. [tekst]
-
Winkler-1940, p.23-25;
Winkler-1937, p.65. [tekst]
-
Van Berkel: Kwatrijn 03-57 en Die
Weissagungen des Nostradamus (C. Loog, Pfullingen in
Württemberg, 1921 [1920]). [tekst]
-
Winkler-1939, p.45. [tekst]
-
Van Berkel: Die
Kolonne des Nostradamus (dr. Th.Fr. Böttiger, Völkischer
Beobachter, Berlijn, 27 mei 1940). [tekst]
|