|

Richard Heijster
|
Mysterie
14/18 - De Eerste Wereldoorlog onverklaard (Richard Heijster, 2000
[1999])
De Nederlandse historicus Richard Heijster (Den Haag, 1958) heeft over de Eerste
Wereldoorlog drie boeken geschreven: Verdun, breuklijn der beschaving (1994), Ieper 14/18
(1998) en Mysterie 14/18 - De Eerste Wereldoorlog onverklaard
(1999).
Heijster kreeg rond zijn 16e jaar interesse in de Eerste
Wereldoorlog en ging voorwerpen en foto's uit die tijd verzamelen. Hij
bleek een bijzondere gevoelsmatige band te hebben met foto's van loopgraven. De boeken over de Eerste
Wereldoorlog die hij in 1994 en 1998 heeft geschreven, zijn historisch
van aard. Zijn ervaringen op het voormalige slagveld van
Verdun waren de aanleiding tot het schrijven van Mysterie 14/18,
waarin Heijster beschrijft dat er meer is dan wat meestal als normaal wordt
beschouwd.
Mysterie 14/18 bestaat uit twee gedeelten. In deel 1 (De aangekondigde dood)
besteedt Heijster aandacht aan onder andere de profetische kalender in de
piramide van Cheops en de Profetieën van Nostradamus, waarin
volgens hem de Eerste Wereldoorlog is voorspeld. Paus Pius X
en Charles Taze Russel, de leider van de Millennial Dawners, de latere Jehovah's Getuigen, hebben volgens Heijster
de Eerste Wereldoorlog voorvoeld. Verder staan in deel 1 beschrijvingen van
geheimzinnige aspecten rond een aantal gebeurtenissen die zich in de
jaren 1914/18 hebben voorgedaan. In deel 2 (De oorlog die
niet eindigde) beschrijft Heijster zijn bijzondere ervaringen aangaande
de Eerste Wereldoorlog en verhalen van mensen die
zich op de voormalige slagvelden bewust waren van een bijzondere sfeer. Zij
vertellen bijvoorbeeld dat zij zich op volkomen verlaten plekken
bespied hebben gevoeld of het gevoel hadden niet welkom te zijn. Sommigen
hebben soldaten waargenomen die destijds waren gesneuveld.
Ook reïncarnatie komt ter sprake. Heijster schrijft dat hij zichzelf
niet tot de grote experts
op het gebied van paranormale zaken rekent en niet alles kan verklaren. Hij laat
het oordeel over de verhalen over aan zijn lezers.
Mysterie 14/18 is afgesloten met een notenoverzicht, waarin
Heijster verwijst naar geraadpleegde literatuur en gevoerde
correspondentie, en met registers van plaatsnamen, personen en begrippen.
|

Mysterie 14/18
|
Heijster
over Nostradamus
Hoofdstuk 2 in deel 1 van Mysterie
14/18 is getiteld Nostradamus en bestaat uit een beknopte
beschrijving van Nostradamus en de Centuriën en een bespreking
van kwatrijnen in relatie met de Eerste Wereldoorlog.
Heijster schrijft
dat Nostradamus
geneeskunde studeerde aan de universiteit van Montpellier, een bekwaam
en gewaardeerd arts was en in 1555 een boek
uitbracht met toekomstvoorspellingen. Volgens de overlevering, aldus
Heijster, stond Nostradamus in direct
contact met "de Geest der Eeuwen", waardoor hij in de toekomst
kon kijken. Nostradamus legde zijn voorspellingen vast in kwatrijnen in
volgens Heijster ontoegankelijke orakeltaal; hij versluierde zijn boodschap vanwege angst voor vervolging door bijvoorbeeld de
Inquisitie. Hiermee voorkwam Nostradamus dat de
inhoud van zijn voorspellingen bekend werd bij de massa; wellicht maakte
hij een bewuste keuze om te schrijven voor een select gezelschap van
ingewijden. Hij leefde in een tijd waarin schrijvers hun lezers graag
literaire raadseltjes opgaven.
Heijster schrijft dat de Centuriën uit 944
kwatrijnen bestaan, verdeeld over negen centuriën van
honderd kwatrijnen en één centurie (centurie 7) van 44 kwatrijnen. De
kwatrijnen lopen van 1555 tot 3797, waarin het Duizendjarig Vredesrijk
moet beginnen. Commentaarschrijvers, zo constateert hij, leggen de Centuriën ieder op
hun eigen wijze uit.
Heijster schrijft dat in de kwatrijnen data staan waarop bepaalde gebeurtenissen zich
zullen voordoen en personen zijn aangeduid die belangrijk zijn voor de loop
van de geschiedenis. Napoleon Bonaparte is aangeduid met de woorden ne
Apollyon (de vernietiger); Hitler met Hister en Goebbels met le Boiteux (de manke).
Als bewijs voor het in de Centuriën voorspeld zijn van de Eerste
Wereldoorlog beschrijft Heijster het commentaar van dr. N. Alexander
Centurio in De profetieën van Nostradamus
(Utrecht, 1981) op de kwatrijnen
02-57, 02-75, 02-100 en 04-99.[1]
Verder stipt hij
koppelingen aan tussen een aantal kwatrijnen en de inval in België, de inspanningen van Duitsland
om Engeland op de knieën te krijgen, de revolutie in Rusland en de dood van de
Romanovdynastie, het geallieerde eindoffensief over Saint-Quentin, de vlucht van de Duitse keizer, Duitse troepen die zich
keren tegen rebellerende Duitse legereenheden en het feit dat Oostenrijk na de Eerste
Wereldoorlog niet werd opgenomen in de Volkenbond. Hij sluit het hoofdstuk over Nostradamus af met de opmerking dat met
enige goede wil nog meer voorspellingen
over de Eerste Wereldoorlog in de kwatrijnen kunnen
worden teruggevonden en stelt de retorische vraag of de Duitse occultist Max Dessoir gelijk had toen hij
in 1917 schreef dat het wonder van Nostradamus niet zijn tekst is, maar
de uitlegkunst van hen die zijn tekst verklaren.
De
publicaties over Nostradamus en de Centuriën waarnaar Heijster heeft verwezen, zijn:
-
Centurio,
dr. N. Alexander: De profetieën van Nostradamus. Utrecht,
1981.
-
Fontbrune,
De: Les prophéties de Nostradamus dévoilées. Parijs, z.j.
-
Vreede,
W.L.: De profetieën van Nostradamus. Amsterdam, 1979.
Kanttekeningen
bij Mysterie 14/18
Heijster wekt de indruk alsof de uitgave van de Centuriën
die als uitgiftejaartal het jaar 1555 draagt, compleet is. Deze uitgave bevat slechts het Voorwoord,
gericht aan César, en de kwatrijnen 01-01 t/m
04-53. Het
aantal van 944 kwatrijnen dat hij noemt, is gebaseerd op het
aantal kwatrijnen exclusief de Legis Cautio in W.L. Vreede's De
profetieën van Nostradamus, waarvoor als brontekst onder andere een
fotokopie van de editie-Amsterdam-1668 is gebruikt die in 1938
is uitgegeven.[2]
Op de achterkant
van Mysterie
14/18 is vermeld dat Heijster
diverse bronnen heeft onderzocht en
beschreven. Uit Mysterie 14/18 blijkt niet of Heijster de Centuriën
heeft onderzocht. Hij heeft een commentaar van Centurio beschreven dat
dateert uit 1968 en in 1981 in het Nederlands is vertaald.
Vrijwel alle informatie in Mysterie 14/18 over Nostradamus en de Centuriën
is afkomstig uit Centurio-1981-NL, ook het "in direct contact staan met de Geest der Eeuwen",
de beknopte verwijzingen naar andere voorspellingen met betrekking tot
de Eerste Wereldoorlog, de Russische
revolutie in 1917, de opstand in Duitsland in 1918, het niet opgenomen worden van Oostenrijk in de
Volkenbond en de
aanduidingen voor Napoleon Bonaparte en Goebbels.
Bij de aanduiding ne Apollyon voor Napoleon Bonaparte moet
worden opgemerkt dat deze aanduiding niet in de Centuriën staat, maar in het
commentaar van Centurio op kwatrijn 01-76 en door hem ten onrechte is
opgenomen in een overzicht
van aanduidingen die Nostradamus in de
kwatrijnen heeft gebruikt.[3] Het anagram Hister voor Hitler kan
niet op de boeken van Centurio of De Fontbrune worden teruggevoerd.
Centurio houdt als anagram Hadrie aan; De Fontbrune schrijft niets over een verwijzing naar Hitler
door middel van een anagram.
De opmerking over het presenteren van literaire raadseltjes met
als nevendoel het slechts voor ingewijden mogelijk te maken de
voorspellingen te begrijpen, vertoont veel overeenkomsten met
opmerkingen van dr. W.H.C. Tenhaeff in Oorlogsvoorspellingen.[4]
Heijster beschrijft Centurio's
commentaren op de kwatrijnen 02-57, 02-75, 02-100 en 04-99 en somt een
aantal kernpunten op uit commentaren op andere kwatrijnen die zijn
gekoppeld aan de Eerste Wereldoorlog, de revolutie in Duitsland en die in Rusland.
Heijster heeft niet vermeld dat
deze opsomming is gebaseerd op Centurio's commentaren op de kwatrijnen 01-82, 02-11, 02-68, 02-77,
03-71, 04-08, 04-13, 08-19, 08-20, 09-40 en 10-83.[5]
Hij heeft ook niet vermeld dat Centurio de
kwatrijnen 02-68, 02-75, 02-100 en 03-71 aan de Eerste én de Tweede
Wereldoorlog heeft gekoppeld. Hij wekt de indruk dat de
kwatrijnen die Centurio van commentaar heeft voorzien in relatie tot de
Eerste Wereldoorlog, volgens Centurio alléén betrekking hebben op
díé oorlog.
Kanttekeningen
bij Centurio-1981-NL
Centurio heeft drie titels over
Nostradamus op zijn naam staan. Deze titels dateren van na de Tweede Wereldoorlog en
zijn een aantal malen herzien cq. herdrukt:
-
Nostradamus - der
Prophet der Weltgeschichte (Richard Schikowski, Berlijn, 1953);
-
Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte (Turm Verlag, Bietigheim, 1968);
-
Die
großen Weissagungen des Nostradamus - prophetische Weltgeschichte
bis zum 2050 (Goldmann Verlag, München, 1981).
Die großen
Weissagungen des Nostradamus - prophetische Weltgeschichte bis zum 2050
is een herdruk van de uitgave-1977 van Nostradamus - prophetische
Weltgeschichte, die op haar beurt een herdruk is van de
uitgave-1968.
Heijster heeft De profetieën van Nostradamus gebruikt (Veen
uitgevers, Utrecht, 1981). Dit boek is een door E.M.J. (Marieke) Prinsen Geerligs-Bakker
verzorgde vertaling en bewerking van de editie-1977 van Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte, verschenen bij Turm Verlag,
Bietigheim. In 1991 werd de uitgave van deze vertaling overgenomen door Kosmos-Z&K uitgevers, Utrecht/Antwerpen, onder de titel De ware
voorspellingen van Nostradamus [6]
In het
register over de Eerste Wereldoorlog in de vertaling van Prinsen
Geerligs is het aantal kwatrijnen overigens wél 23; ze heeft haar
ingreep niet consequent doorgevoerd.[7]
In de tekst van Prinsen Geerligs' vertaling van Centurio's commentaar op kwatrijn 05-94 staat niet dat
Krafft na diens arrestatie in 1944 samen met Goerner in "milde
gevangenschap" werd ondergebracht in een bureau aan de Lützowstraße en
dat Centurio een poging had ondernomen hem vrij te krijgen.
Volgens de vertaling van Prinsen Geerligs bestreed
Centurio een uitleg van kwatrijn 05-94 die op 10 juli 1949 was
gepubliceerd in een groot Berlijns dagblad. Uit de brontekst blijkt echter dat het artikel was
geschreven door Centurio zelf.[8]
Prinsen Geerligs heeft een paar opmerkelijke veranderingen aangebracht
in het hoofdstuk Bibliografische gegevens. Zij heeft Centurio's
bespreking van de verbranding in Frankrijk in 1940 van De Fontbrune's Les
Prophéties de Maistre Michel Nostradamus. Expliquées et commentées
niet overgenomen. Daarentegen heeft zij aan de alinea met betrekking tot
De Fontbrune de titel Nostradamus, historien et prophète
(Parijs, 1980) toegevoegd. Deze toevoeging is onjuist. De schrijver van Nostradamus,
historien et prophète is de zoon van de schrijver van Les
Prophéties de Maistre Michel Nostradamus. Expliquées et commentées.[9]
Prinsen Geerligs' bewerking annex
vertaling van Nostradamus - prophetische Weltegschichte is geen
getrouwe afspiegeling van het origineel. Voor Mysterie 14/18 is het
nadelig geweest in die zin dat in Prinsen Geerligs' vertaling van de
paragraaf over de Eerste Wereldoorlog minder kwatrijnen staan dan in het origineel.
Uiteenlopende
commentaren op de Centuriën
Over de schrijvers die in de loop der eeuwen de Centuriën
hebben becommentarieerd, merkt Heijster op dat zij de vaak
dubbelzinnige en duistere taal van de Centuriën ieder op hun
eigen wijze interpreteren. Hieruit volgt dat de commentaren op de Centuriën uiteenlopend zullen
zijn. Wie aan de hand van commentaren op de Centuriën de
voorspellingwaarde van de Centuriën wil demonstreren, zal moeten onderzoeken wie van de commentaarschrijvers het bij het
juiste eind heeft, en niet alleen de commentaren moeten onderzoeken
waarin wordt teruggeblikt op de Eerste Wereldoorlog, maar ook
commentaren waarin voorspellingen staan voor de eerste twee decennia van
de twintigste eeuw.
De Duitser Loog heeft in Die Weissagungen des
Nostradamus (Pfullingen in Württemberg, 1921) 24 kwatrijnen
gekoppeld aan de Eerste Wereldoorlog én Sixain 47.[10]
Noah, de schrijver van Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte von 1547 bis gegen 3000 (Berlijn, 1928)
heeft 28 kwatrijnen gekoppeld aan de Eerste Wereldoorlog.[11]
In zijn eerste naoorlogse publicatie, Nostradamus -
der Prophet der Weltgeschichte (Berlijn, 1953), heeft
Centurio 50 kwatrijnen
aan de Eerste Wereldoorlog gekoppeld. In Nostradamus - prophetische
Weltgeschichte (Bietigheim, 1968), zijn 23 kwatrijnen aan de Eerste
Wereldoorlog gekoppeld.[12]
Centurio's commentaren in Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte stemmen in
de meeste gevallen op hoofdpunten overeen met zijn commentaren in Nostradamus -
der Prophet der Weltgeschichte, maar er zijn ook kwatrijnen die hij
op een andere manier uitlegt en commentaren op bijkomende zaken die
verschillen van commentaren in Nostradamus - der Prophet der
Weltgeschichte. In Nostradamus - prophetische Weltgeschichte
maakt Centurio zijn lezers niet attent op het feit dat een aantal
commentaren verschillen van eerder gegeven commentaren. Hij heeft zijn
herziene visie stilzwijgend gepresenteerd.
Uit Mysterie 14/18 blijkt niet of Heijster behalve
Centurio-1981-NL ook Nostradamus -
der Prophet der Weltgeschichte heeft bestudeerd, of dat hij Centurio-1981-NL heeft vergeleken met commentaren van andere
schrijvers zoals De Fontbrune, wiens Les
prophéties de Nostradamus dévoilées is vermeld in het
notenoverzicht (W.L. Vreede's De
profetieën van Nostradamus, dat ook in het notenoverzicht staat, is een vertaling en geen commentaar). Tijdens het bestuderen van Mysterie 14/18 is
gebleken dat de
commentaren op de kwatrijnen die Heijster heeft beschreven, stuk voor stuk kunnen worden
teruggevoerd op Centurio-1981-NL en niet kunnen worden teruggevoerd op de boeken van De
Fontbrune of Vreede.
De conclusie is dat Heijster, zonder te beargumenteren of en
zo ja waarom Centurio het gelijk aan zijn kant heeft, alléén gebruik
heeft gemaakt van Centurio-1981-NL om te demonstreren dat de Eerste
Wereldoorlog is voorspeld in de Centuriën. Vanwege de
uiteenlopendheid van de commentaren van de diverse schrijvers, ook van
die van Centurio zelf, is het niet mogelijk om op een dergelijke manier
uitspraken te doen over de voorspellingwaarde van de Centuriën,
nog afgezien van het in de paragraaf Kanttekeningen
bij Centurio-1981-NL besproken feit dat Centurio-1981-NL geen
getrouwe weergave is van de inhoud van Centurio-1977 en minder
kwatrijnen bevat aangaande de Eerste Wereldoorlog dan Centurio-1977.
Kanttekeningen
bij Centurio-1977 (1968)
In de paragraaf Kanttekeningen
bij Mysterie 14/18 is reeds besproken dat Centurio ten onrechte de
indruk heeft gewekt dat Napoleon Bonaparte in de Centuriën is
aangeduid met de woorden ne Apollyon (de vernietiger). Het is
niet de enige keer dat zijn informatie niet klopt.
a. De
nakomelingen van Nostradamus
Volgens Centurio zou César, de oudste zoon van Nostradamus, door de Franse koning Louix XIII
tot
kamerheer zijn benoemd en in de adelstand zijn verheven. Dit is niet
juist; César was in 1598 en 1614 consul van Salon-de-Provence en is
niet in de adelstand verheven.
De
tweede zoon van Nostradamus zou Michael hebben geheten, astrologie
hebben beoefend en brand hebben gesticht in een stad om één van zijn
voorspellingen te laten uitkomen, waarvoor hij werd gearresteerd en ter
dood gebracht. Nostradamus had drie zoons: César, Charles en André.
Charles was
een dichter, beoefende geen astrologie en heeft geen branden gesticht.
Over André is verhaald dat deze in een duel zijn tegenstander doodde en
na zijn vrijlating in het klooster trok. Het verhaal over de wandaden van "Michel Nostradamus le jeune",
over wie ten onrechte wordt verteld dat hij een zoon was van
Nostradamus, kwam tussen 1618 en 1620 in omloop.
Van de drie dochters die Nostradamus had zou alleen de oudste dochter,
Madeleine, zijn gehuwd. In
werkelijkheid is ook Anne de Nostredame gehuwd, namelijk met Pierre de
Seva. Diane, de jongste dochter van Nostradamus, bleef ongehuwd.[13]
b.
De Dertigjarige Oorlog
In het hoofdstuk Die Sprache des Propheten schrijft Centurio dat
Nostradamus jaartallen noemt die van belang zijn voor de
wereldgeschiedenis, te beginnen met het jaar 1555 in het Voorwoord,
gericht aan
César,
waarbij hij 177 jaar optelt. Volgens Centurio
resulteert deze optelling in het jaartal 1632, het hoogtepunt in de
Dertigjarige Oorlog (1618-1648). In het
Voorwoord, gericht aan César, dat gedateerd is op 1 maart 1555, staat een
verwijzing naar een periode van 177 jaar, drie maanden en 11 dagen; de periode van 177 jaar waar Centurio op
doelt. Gerekend vanaf
1555 eindigt deze periode niet in 1632, maar in 1732. De suggestie van
Centurio dat Nostradamus in het Voorwoord, gericht aan César, de Dertigjarige Oorlog
heeft voorspeld, mist alle grond.[14]
c.
Karl Ernst Krafft
Centurio's informatie over de Zwitserse astroloog Karl Ernst Krafft,
die betrokken is geweest bij de productie van nationaalsocialistische
propaganda, gebaseerd op de Centuriën, is
strijdig met de bevindingen die de Engelsman Ellic Howe in 1967 heeft
gepubliceerd in Uranias Children: the strange world of the
astrologers, waarvan de herziene versie in 1995 is vertaald in het
Duits. Centurio
schrijft dat Hitler naar aanleiding van de overtocht in mei
1941 van Rudolf Heß naar Engeland alle astrologen door de Gestapo liet
arresteren en de Centuriën in beslag liet nemen. Krafft,
die volgens Centurio aan deze razzia ontkwam, haastte zich om de voorspellingen van
Nostradamus uit te leggen ten gunste van Hitler. Samen met zijn vriend
en leerling Goerner werd Krafft in 1944 door de Gestapo gevangen genomen
wegens sabotage en in een "milde vorm van gevangenschap" ondergebracht in
een bureau in de Lützowstraße in Berlijn. Onderhandelingen van Centurio om Krafft
vrij te krijgen bleken te laat te zijn; Krafft bleek plotseling
weggevoerd te zijn uit Berlijn en werd geëxecuteerd in een concentratiekamp.[15]
Deze mededelingen staan haaks op een brief van Centurio aan Howe,
gedateerd op 28 juni 1962, waarin Centurio schrijft dat hij begin februari 1943 een aantal gesprekken had gevoerd met
Fritz Hirsch, die toezicht hield op Goerner en
Krafft tijdens hun internering in de Lützowstraße.[16]
Volgens Howe ging de Gestapo, als reactie op de overtocht van Heß naar
Engeland, op 9 juni
1941 over tot het arresteren in Duitsland van
astrologen en occultisten, de zogenaamde Aktion-Heß. Goerner
werd die dag gearresteerd in Gammelsbach, een dorp in de buurt van
Mannheim. Krafft werd pas op 12 juni
gearresteerd in Berlijn; de Gestapo was op 9 juni niet
op de hoogte van het feit dat hij was verhuisd. Tot aan zijn overlijden
in 1945 bleef Krafft in
gevangenschap. Hij was samen met Goerner van 7 november 1942 tot 12 februari 1943
ondergebracht in een huis in de Lützowstraße, dat eigendom was van het
Propagandaministerie. Overdag mocht zijn vrouw hem bezoeken. Krafft
maakte geen gebruik van de mogelijkheid om onder begeleiding
boodschappen te doen. Op 12 februari 1943 werd hij
overgeplaatst naar een huis in de
Lehrter Straße. In maart 1943 kreeg hij tyfus. Kort daarna werd hij
overgeplaatst naar het concentratiekamp in Sachsenhausen. Op 27 november
1944 werd hij overgebracht naar het concentratiekamp Buchenwald, alwaar
hij op
8 januari 1945 overleed.[17]
d.
Een zoekgeraakte editie van de Centuriën
In Centurio-1977 staan verwijzingen naar
een niet nader gespecificeerde editie van de Centuriën die in
1939 in het bezit was van de Staatsbibliotheek in Berlijn en waarin
kwatrijn 03-58 rood was aangestreept, en een in de Staatsbibliotheek zoekgeraakte editie-Pierre Rigaud-1566. In
Centurio-1953 is hierover vermeld dat het zou gaan om een editie-Pierre
Rigaud-1568, waarin kwatrijn 03-58 is aangestreept. In Centurio-1953 staat echter niet de kleur vermeld van de markering.
Ulrich Maichle, een Duitse onderzoeker van de Centuriën, heeft
vastgesteld dat
het gaat om een editie, samengesteld in 1649, die
nog steeds in het bezit is van de
Berlijnse Staatsbibliotheek, en waarin kwatrijn 03-58 niet is gemarkeerd.[18]
Verbanden
met Voorspellingen die uitgekomen zijn... (A. de Tombre, Arnhem,
1941)
Naar aanleiding
van eerdere publicaties in deze substudie liet Maichle weten over sterke aanwijzingen te
beschikken dat dr. phil. Alexander Max Centgraf, die na de Tweede Wereldoorlog het
pseudoniem Centurio gebruikte, de schrijver is van een
nationaalsocialistisch
commentaar op de Centuriën, dat in Nederland in 1941 is
uitgebracht onder de titel Voorspellingen die uitgekomen zijn... en
op naam staat van A. de Tombre. Als bewijs
hiervoor voerde hij onder andere aan dat de Berlijnse Staatsbibliotheek in het bezit is
van een
exemplaar van Voorspellingen die uitgekomen zijn... (catalogusnummer
Na 7716/50), waarin op de
titelpagina het stempel staat van de Preußische Statsbibliothek en
de aantekening Verfasst von Dr.Alexander Centgraf,
Berlin W 30, Hohenstaufenstr. 35. Op de achterzijde van de omslag staat de aantekening Der Preußischer Statsbibliothek als
Geschenk überreicht vom Verfasser Dr. Centgraf. Maichle heeft vastgesteld dat
Centgraf in 1942 en 1943 op het adres heeft gewoond dat is vermeld in het
Berlijnse exemplaar van Voorspellingen die uitgekomen zijn... en
is van mening dat Centgraf Voorspellingen die uitgekomen zijn...
heeft geschreven onder het pseudoniem De Tombre.[19]
De Berlijnse
Staatsbibliotheek en de Universiteitsbibliotheek van Hamburg hebben in
hun gedeelde auteursbestanden aan de naam Centgraf de naamvariant De Tombre
toegevoegd.
In Centurio-1953 staat dat als brontekst voor de vertaling van de
Centuriën de oeruitgave is gebruikt van een editie-B.Rigaud-1568. In Centurio-1977 staat dat als brontekst voor de
vertaling van de Centuriën de fotokopie-uitgave is gebruikt die
Krafft in 1940 heeft laten maken van een editie-B.Rigaud-1568.[20]
Deze fotokopie-uitgave, waarvoor Krafft een inleiding had geschreven,
was geproduceerd in een oplage van 299 stuks en was niet bestemd voor de
vrije verkoop. Toeval of niet, in Voorspellingen die uitgekomen zijn... zijn in een Aanhangsel
fotokopieën van vijftien kwatrijnen gereproduceerd, overgenomen uit "de
origineele eerste uitgave".[21]
Wilhelm Zannoth heeft in 2004 vastgesteld dat het
kopieën zijn van kwatrijnteksten uit de "kopie-Krafft-1940".[22]
Ondergetekende heeft nagegaan of in Voorspellingen die uitgekomen zijn...
koppelingen van kwatrijnen aan de Tweede Wereldoorlog staan die opduiken
in de naoorlogse publicaties van Centurio (Centurio-1953 en Centurio-1968) en niet kunnen worden teruggevoerd op
publicaties van vóór 1953, het jaar waarin de eerste druk verscheen
van Centurio's Nostradamus - der Prophet der Weltgeschichte.
Voorspellingen
die uitgekomen zijn...
|

De Tombre-1941 |

De
Tombre-1941
de aantekening op de titelpagina van het exemplaar-Berlijn
|
|

De
Tombre-1941
de aantekening op de achterzijde van de omslag van het exemplaar-Berlijn
|
a.
De koppeling van Hadrie aan Hitler en de As-mogendheden
|
Voorspellingen
die uitgekomen zijn..., p.46-47
Wij ontmoeten dezen eigenaardigen naam in de Centuriën X,XXXVIII
- I,VIII - II,LV, die wij hier later in causaal verband zullen
bespreken. Hier wil ik slechts dit zeggen, dat het woord "Hadrie"
de beginletters van den voor- en achternaam van Adolf Hitler
bevat en tevens het woord Adria. Dit laatste woord is echter een
verwijzing naar de as tusschen Duitschland en Italië,
die zijn zuidelijke zwaartepunt heeft in de Adria (de
Adriatische Zee).
Centurio-1953,
p.17
Hitler = [...] "Hadrie"
(= H(itler) (Ad)olf, Adria
als Schwerpunkt der Achsenpolitik) in 1,8; 1,9; 2,55;
3,11; 10,38.
Centurio-1977,
p.30
Hitler: [...] Hadrie 1,8, 1,9, 2,55, 3,11, 10,38.
Centurio-1981,
p.200
Nostradamus nennt mehrfach Hitler
Hadrie, ein Anklang an
den Kaiser Hadrian (117-183 n.Chr.). Dieser zerstörte zum
zweiten Male Jerusalem und verstreute die Juden in alle Welt
(132-135 n.Chr.). Dieselben Untaten vollbrachte der deutsche
Diktator, indem er die Juden verfolgte und Millionen vernichtete.[...] |
In Voorspellingen die uitgekomen zijn...,
Centurio-1953 en Centurio-1968 is besproken dat in het woord Hadrie de beginletters staan van de voor- en achternaam van Hitler
en het woord Adria als verwijzing naar Duitsland en Italië, de
As-mogendheden. In
Centurio-1981 is
Hadrie niet meer uitgelegd als
een zinspeling op Hitlers initialen en de As-mogendheden, maar als een aanduiding van keizer
Hadrianus, die tot twee
maal toe Jeruzalem verwoestte en de Joden over de wereld
verstrooide.
In Voorspellingen die uitgekomen zijn... en Centurio-1953 is
kwatrijn 01-08 gekoppeld aan de verovering van Parijs in 1940. In
Centurio-1977 is dit kwatrijn ook gekoppeld aan de bevrijding van Parijs
in 1944.[23]
In Voorspellingen die uitgekomen zijn... en Centurio-1977 is
kwatrijn 01-09 niet besproken. In Centurio-1953 is dit kwatrijn
gekoppeld aan de Tweede Wereldoorlog, te beginnen met de Duitse inval in
Polen.[24]
In Voorspellingen die uitgekomen zijn... is kwatrijn 02-55
(foutief genummerd als II,V) gekoppeld aan de verwachte eindoverwinning
van Duitsland. In Centurio-1953 en Centurio-1968 is dit kwatrijn
gekoppeld aan Hitlers dood.[25]
Kwatrijn 03-11 is in Centurio-1953 en Centurio-1968 gekoppeld aan de val
van Berlijn en Hitlers dood. In Voorspellingen die uitgekomen zijn...
is dit kwatrijn niet besproken.[26]
Kwatrijn 10-38 is in Voorspellingen die uitgekomen
zijn..., Centurio-1953 en Centurio-1968 gekoppeld aan het
Duits-Russische niet-aanvalsverdrag.[27]
b.
De koppeling van la grande ligue (kwatrijn 02-100) aan de
Verenigde Staten
|
Voorspellingen
die uitgekomen zijn..., p.72-73
Ook deze strofe ontsluiert het geheim van den nood van
Engeland. Weliswaar moet er niets van naar buiten doordringen.
De vermetelheid der
buitmakers - hieronder kan men de U-booten en de Duitsche
vliegtuigen met groote actie-radius verstaan - is zóó groot en
de verliezen zijn zóó angstwekkend, dat men zich tot de
groote Liga, dat zijn de Vereenigde Staten van Noord-Amerika,
moet wenden om den nood op te heffen. Met deze taak is Halifax,
de ambassadeur in Amerika, door Churchill belast.
Centurio-1953,
p.68
1914-18
1939-45
England ruft die Hilfe der USA an: Die kühnen
Beutemacher, die U-Boot-kapitäne, fügten England so
viel Schaden zu, daß es sich um Hilfe an die
große Liga, d.h. an die
USA wendet. Das geschah zweimal: 1915 und 1940.
Centurio-1977,
p.183-184
1914-1918
1939-1945
England ruft die Hilfe der USA an. Trotzdem die
U-Boot-blockade mißlang, fügten die Beutemacher,
die U-Bootkapitäne, England so viel Schaden zu, daß es sich um Hilfe an die
große Liga, d.h. an die
USA wendet.
Damit beginnt die dreihundertjährige Hegemonie, die Nostradamus
dem großen Empire England vorraussagt (10,100) abzubröckeln. |
In
Voorspellingen die uitgekomen zijn... is kwatrijn 02-100 gekoppeld aan de Tweede
Wereldoorlog. In Centurio-1953 en Centurio-1977 is dit kwatrijn niet alleen gekoppeld aan de Tweede
Wereldoorlog, maar ook aan de Eerste Wereldoorlog.
In de commentaren in Centurio-1953 en Centurio-1968 staat het woord Beutemacher (buitmaker),
dat ook voorkomt in het commentaar in Voorspellingen die uitgekomen
zijn... Opvallend in het commentaar in Centurio-1977 is dat de "vermetelheid van de
buitmakers" plaats heeft gemaakt voor een mislukte duikbootblokkade en dat er een verband is gelegd met kwatrijn
10-100.
De opmerking "weliswaar moet er niets van naar buiten
doordringen" in Voorspellingen die uitgekomen zijn... kan worden teruggevoerd op de commentaren die Noah in
1928 en Loog in 1921 op kwatrijn 02-100 hebben geleverd, waarbij moet
worden aangetekend dat noch Noah, noch Loog kwatrijn 02-100 hebben
gekoppeld aan een wereldoorlog of aan de Verenigde Staten.[28]
c.
De koppeling van Ursins (kwatrijn 10-38) aan de USSR en het
Duits-Russische niet-aanvalsverdrag
|
Voorspellingen
die uitgekomen zijn..., p.51
De tweede regel voorspelt zonder twijfel de bezetting der
garnizoenen in het Rijnland. De Russische Beer en Hadrie sluiten
zich aaneen tegen Frankrijk. Bij
het woord "Ursins" is het interessant te vermelden,
dat daarin de beginletters der Sowjetrepubliek, namelijk URSS
verscholen zijn.
Centurio-1953,
p.68
[...] auf jeden Fall aber wird man die Aufrüstung und auch die
Errichtung von Garnisonen im seit Versailles entmilitarisierten
Rheinland erkennen können. In der nächtsten Zeile findet sich
ein Hinweis auf den Nichtangriffspakt Hitler mit Rußland, bei
dem das Wort Bär im Urtext besonders interessant ist: Es sind
eingeschlossen die Buchstaben USSR (Ursins)...
Centurio-1977,
p.200
Auf jeden Fall wird man in der zweiten Zeile die Aufrüstung und
die Errichtung von Garnisonen nach der Besetzung des Rheinlandes
erkennen, das durch den Vertrag von Versailles entmilitarisiert
war. In der dritten Zeile findet sich ein Hinweis auf den
Nichtangriffspakt Hitlers mit Rußland, bei
dem das Wort "der Bärenhafte" (Ursins) im Urtext
besonders als Anklang an USSR interessant ist. |
In alle
commentaren komt de bezetting van het Rijnland ter sprake en de
opmerking dat in het woord Ursins de letters USSR staan. Het
commentaar dat in Centurio-1953 aan dit woord wordt gewijd, vertoont
veel overeenkomsten met het commentaar in Voorspellingen die
uitgekomen zijn...
d. De
koppeling van Lusitains (kwatrijn 10-100) aan de Azoren
|
Voorspellingen
die uitgekomen zijn..., p.25-26
Volgens Nostradamus berekent men de overwegende positie van
Engeland vanaf de omwenteling van Cromwell tot aan den
tegenwoordigen oorlog. Dan echter passeerden groote menigten
troepen land en zee. De Lusitaniërs, dat zijn de Portugeezen,
zullen dat niet toelaten. Tot nu toe wist men niet, wat de
Portugeezen met deze voorspellingen te maken hadden. Thans
echter verkrijgt deze strofe een bijzonder duidelijken zin en
actueele beteekenis. De groote troepen, die land en zee willen
passeeren, zijn de Amerikaansche divisies, die Roosevelt graag
op Portugeesch gebied, vooral op de Azoren, zou willen laten
landen. Juist echter sedert de laatste maanden heeft de
Portugeesche regeering haar garnizoenen op deze eilanden
versterkt, om een invasie der U.S.A.-troepen te beletten.
Centurio-1953,
p.232
Der Niedergang der Vormacht Englands beginnt damit, daß große
Truppen Meer und Land passieren. Diese sind die Hilfsarmeen aus
Amerika, die in den beiden Weltkriegen in Europa landeten. Im
zweiten Weltkrieg aber stimmte Portugal dieser Landung nicht zu.
England wird dann ein Bundesstaat von Amerika, aber erst um 2050
(vgl. 10,66).
Centurio-1977,
p.38-39
Die Macht dieses allmächtigen Englands bröckelt nach
demselben Vierzeiler ab, als
große Truppen aus der USA Land und Meer passieren und die
Portugiesen (wie im Zweiten Weltkrieg) diese Landung nicht mehr
zulassen. |
De
gemeenschappelijke factor in deze commentaren is de koppeling van
kwatrijn 10-100 aan de Portugese neutraliteitspolitiek in de beginjaren
van de Tweede
Wereldoorlog.
De woorden Hadrie, la grande ligue,
Lusitains en Ursins, die afkomstig zijn uit de Centuriën,
zijn in Voorspellingen die uitgekomen zijn... gekoppeld aan
personen, landen en aangelegenheden met betrekking tot de Tweede
Wereldoorlog. Met name in Centurio-1953 zijn wat betreft deze woorden koppelingen gelegd en verklaringen
gegeven die vrijwel identiek zijn aan de koppelingen en verklaringen in Voorspellingen die uitgekomen zijn...
Dit versterkt de constatering naar aanleiding van de aantekeningen
over Centgraf in het
Berlijnse exemplaar van Voorspellingen die uitgekomen zijn... dat
Centgraf de auteur is van Voorspellingen die uitgekomen
zijn..., althans, van de Duitse brontekst.
In het dagblad Het Vrije Volk is in 1966 een brief gepubliceerd,
waarin werd meegedeeld dat A. de Tombre een fascistisch astroloog was.[29]
Dit zou betekenen dat deze De Tombre de vertaler zou kunnen zijn van de
Duitse brontekst van Voorspellingen die uitgekomen zijn... en dat
Centgraf niet als pseudoniem de naam De Tombre heeft gevoerd. In Voorspellingen
die uitgekomen zijn... staat een verwijzing naar het Duitse
bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940 en is de naam Jean
François Pasteur genoemd en het boekje Hoe zal deze oorlog
eindigen?..., dat volgens opgave door de Nederlandse vertaler is
samengesteld uit de nagelaten geschriften van Pasteur.[30]
In werkelijkheid is Hoe zal deze oorlog eindigen?... in november
- december 1939 samengesteld in opdracht van Goebbels en in verschillende bewerkingen
uitgebracht, waaronder een Nederlandse. In de Zweedse bewerking,
getiteld Nostradamus spådomar om kriget, staat niets over
Pasteur, zijn boek of over het bombardement van Rotterdam, maar staan Scandinavische namen zoals
Billerstein, Johansson, Salamar en Stromberg, namen die in Hoe zal
deze oorlog eindigen?... niet voorkomen.[31]
Kennelijk zijn de bewerkingen
van de brontekst van de brochure die in november - december
1939 was samengesteld, afgestemd op de landen waarin
die bewerkingen werden uitgebracht. Dit kan ook zijn gebeurd
bij de productie van Voorspellingen die uitgekomen zijn...: een Duitse brontekst
die in verschillende talen werd bewerkt voor verschillende landen,
waaronder Nederland. De verwijzingen in de Nederlandse bewerking naar
het bombardement op Rotterdam, naar Pasteur en naar Hoe zal deze oorlog eindigen?...
kunnen zijn toegevoegd door de vertaler.
Echter, van Voorspellingen die uitgekomen zijn... is geen Duitse
brontekst of een andere vertaling voorhanden waaraan deze
veronderstelling zou kunnen worden geverifieerd.
Bespreking
De Nederlandse
historicus Richard Heijster heeft in 1999 betoogd dat een aantal onverklaarbare aspecten rond de Eerste Wereldoorlog verband
houden met al wat er meer is tussen hemel en aarde. Aan de hand van een uit 1981 daterende Nederlandse vertaling van Centurio's Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte (1977) heeft hij beschreven dat Nostradamus
de Eerste Wereldoorlog ruim 400 jaar tevoren heeft voorspeld. Als bewijs
heeft hij koppelingen beschreven die Centurio heeft gelegd tussen een aantal kwatrijnen en de
Eerste Wereldoorlog.
Onderlinge vergelijking van de naoorlogse publicaties van Centurio en
vergelijking van zijn commentaar met dat van anderen wijst uit dat bij
het bespreken van mogelijke verbanden tussen de Centuriën en de Eerste
Wereldoorlog niet kan worden volstaan met het bespreken van slechts
één commentaar. Mede om die reden is Heijster er naar mijn mening niet in geslaagd aan te tonen
dat in de Centuriën de Eerste Wereldoorlog is voorspeld. Voorts
ben ik van mening dat het beschrijven van een commentaar geen vorm van
brononderzoek is.
De profetieën van Nostradamus, dat wil zeggen de door Prinsen Geerligs verzorgde bewerking en vertaling van Centurio's Nostradamus
- prophetische Weltgeschichte,
deugt niet. In de paragraaf
over de Eerste Wereldoorlog heeft Prinsen Geerligs de
tekst van zeven kwatrijnen en commentaren erop niet vertaald. Heijster
heeft hierdoor geen kennis kunnen nemen van alle commentaren van
Centurio met betrekking tot de Eerste Wereldoorlog.
Heijsters beschrijving in Mysterie 14/18 van de samenstelling van
de editie-1555 van de Centuriën is niet juist. Hij vermeldt niet
dat Centurio een aantal kwatrijnen aan zowel de Eerste als de Tweede
Wereldoorlog heeft gekoppeld en heeft niet opgemerkt dat Centurio een aantal fouten
heeft gemaakt zoals het
onterecht vermelden dat de woorden ne Apollyon deel uitmaken van
de Centuriën, het geven van foutieve beschrijvingen van het
leven van de kinderen van Nostradamus en het uitvoeren van een foutieve
berekening rond de Dertigjarige Oorlog. Centurio's informatie over de
lotgevallen van Krafft klopt niet met hetgeen hij hierover in 1962 aan
Howe heeft meegedeeld en klopt ook niet met wat Howe hierover in
1967 heeft gepubliceerd. Maichle heeft met succes Centurio's relaas over
een in de Berlijnse Staatsbibliotheek verloren geraakte editie van de Centuriën
weerlegd. Dit alles werpt een smet op het werk van deze Duitse filoloog/historicus
die volgens een "historisch-kritische methode" die kwatrijnen
heeft gerangschikt die naar zijn mening reeds zijn vervuld.
In Centurio-1953 en -1968 staan een aantal koppelingen en verklaringen met
betrekking tot de Tweede Wereldoorlog, die afkomstig zijn uit de
nationaalsocialistische publicatie Voorspellingen die
uitgekomen zijn... (1941). Uit aantekeningen in het Berlijnse exemplaar van
dit boekje blijkt dat Centgraf alias Centurio de Duitse brontekst
heeft geschreven en dat hij destijds het boekje heeft geschonken aan
de Pruisische Staatsbibliotheek. Uit Centurio-1977
blijkt dat Centgraf als brontekst de kopie-Krafft-1940 heeft gebruikt, die
hij ook heeft gebruikt bij het samenstellen van Voorspellingen die
uitgekomen zijn...
De nationaalsocialistische Nostradamuscampagnes waren het gevolg van het besluit van Goebbels in november 1939 om
de Centuriën te gebruiken voor psychologische oorlogvoering,
met als doel het onderuit halen van de tegenstanders door het
uitbuiten van het alom levende bijgeloof.[32]
De mensen kregen te horen en te lezen welke voorspellingen van
Nostradamus er zoal waren uitgekomen en wat er volgens de Centuriën
in de nabije toekomst zou gebeuren. In 1948 heeft de Nederlandse
parapsycholoog dr. W.H.C. Tenhaeff het beoogde effect van Voorspellingen
die uitgekomen zijn... als volgt omschreven: een nationaalsocialistisch
propagandageschrift, ten doel hebbend de mening
onder ons volk te doen postvatten dat de Duitse eindoverwinning en de
opkomst van het nationaalsocialisme niet meer tegen te houden waren en
het derhalve een dwaasheid was zich daartegen te verzetten.[33] Een voorbeeld. In de geheime
dagelijkse propagandabespreking op Goebbels' Propagandaministerie op 23
juli 1940 werd opdracht gegeven om in Engeland via een geheime
radiozender in fasen aandacht te besteden aan de Centuriën. In
eerste instantie moest uit de doeken
worden gedaan welke van de voorspellingen die Nostradamus over vroeger
tijden had gedaan, waren uitgekomen. In een latere fase moesten die voorspellingen
worden gepresenteerd, waarin een vernietiging in 1940 van Londen in het
vooruitzicht werd gesteld.[34]
Uit deze notulen komt het intimiderende karakter van de
nationaalsocialistische Nostradamuscampagne duidelijk naar voren.
In Voorspellingen die uitgekomen zijn... heeft Centgraf,
meestal zonder bronvermelding, materiaal verwerkt uit publicaties van
onder andere Loog en Noah. Dit materiaal, dat betrekking
had op voorspellingen die volgens deze schrijvers reeds waren
uitgekomen, is gepresenteerd om gewicht te geven aan wat in de
toekomst zou gebeuren. Centgraf heeft die toekomst in niet mis te
verstane bewoordingen beschreven, waarbij men moet bedenken dat de
brontekst van Voorspellingen die uitgekomen zijn... is voltooid
tussen de Duitse invasie in Rusland in juni 1941 en de Japanse aanval op
Pearl Harbor in december 1941:
-
p.46-47:
het
voorspeld zijn van het aandeel van Hitler in de wereldgeschiedenis
middels de aanduiding Hadrie (kwatrijnen 01-08, 02-55 en
10-38);
-
p.75-76:
het
verdwijnen van de Joden uit Europa (kwatrijn 08-96, foutief genummerd als
VII, XCVI);
-
p.85:
samenwerking
tussen Duitsland, Italië en Japan (kwatrijn 01-99, foutief genummerd als XI,
XCIX);
-
p.86:
de
ondergang van het bolsjewisme in het 27e jaar van haar bestaan
(kwatrijn 08-72);
-
p.90-91:
de ondergang van Engeland (kwatrijn 01-35) en de eindoverwinning
van de Duitse troepen (kwatrijn 02-55, foutief genummerd als II,
V);
-
p.
94-95: een periode van vrede van 57 jaar (kwatrijn 10-89) en een
nieuwe orde in Europa, onder Duitse leiding (kwatrijn 10-42,
foutief genummerd als X, LII).
In Nostradamus - der
Prophet der Weltgeschichte en Nostradamus - prophetische
Weltgeschichte staat materiaal met betrekking tot de Tweede
Wereldoorlog, dat afkomstig is uit Voorspellingen die uitgekomen
zijn... Anders gezegd: in de naoorlogse publicaties van
Centgraf staan duidingelementen die hij vanuit de
nationaalsocialistische ideologie heeft geschreven. In Nostradamus -
der Prophet der Weltgeschichte heeft Centgraf deze duidingelementen gepresenteerd in
de context van de door hem gebezigde
"historisch-kritische methode" van onderzoek van de Centuriën.
Hij heeft de herkomst van deze duidingelementen verborgen gehouden. Nu
ze aan het licht gekomen zijn, in de eerste plaats door de bevindingen
van Maichle, is duidelijk dat Centgraf/Centurio zichzelf heeft
gediskwalificeerd als bonafide onderzoeker van de Centuriën en
kunnen zijn naoorlogse commentaren op goede gronden worden aangevochten.
Besmette
commentaren
Zonder het te weten heeft Heijster gewerkt met een "besmet
commentaar". Centgraf is niet de enige schrijver die in naoorlogse
publicaties materiaal heeft verwerkt, dat hij tijdens de Tweede
Wereldoorlog heeft geschreven in het
kader van de nationaalsocialistische Nostradamuscampagnes. In het
artikel Nostradamus und ich, verschenen in het dagblad Die Welt
in april 2003, heeft Elisabeth Noelle-Neumann biografisch materiaal
verwerkt uit een artikel dat zij in het voorjaar van 1940 heeft
geschreven en dat in juni 1940 is gepubliceerd in de Deutsche
Allgemeine Zeitung. Noelle-Neumann heeft echter geen afstand genomen
van wat zij in dat artikel vanuit propagandistisch oogpunt over
Nostradamus, de Centuriën en Frankrijk heeft geschreven.
Sterker: zij deed het voorkomen alsof zij in 1940 door de Centuriën
immuun was voor het nationaalsocialisme, terwijl nader onderzoek heeft
uitgewezen dat de Nostradamuscommentaren die zij in 1940 heeft gelezen,
geen gewag hebben gemaakt van een oorlog tussen Duitsland en Rusland of
de dood van Hitler.[35]
Van een ander kaliber is de overname door Jan Vandervoort in
Nostradamus, de grootste ziener aller tijden, uit de
nationaalsocialistische publicatie Hoe zal deze oorlog eindigen?...
van een compleet hoofdstuk over reeds vervulde voorspellingen. Kennelijk
vond hij de beschrijvingen in dit hoofdstuk nuttig om aan de hand ervan
op een snelle wijze de zienerskwaliteiten van Nostradamus te
illustreren.[36]
Het is opvallend en naar mijn mening verbijsterend dat Centgraf,
Noelle-Neumann en Vandervoort met kennelijk gemak "besmet"
materiaal gebruiken en hoe lang dat onopgemerkt is gebleven. Voor het
exegetisch veld binnen het onderzoek naar het leven en werk van
Nostradamus is het te hopen dat het bij deze drie gevallen blijft.
Dankbetuiging
Ik spreek mijn
dank uit aan de heer Maichle voor zijn informatie en het toegezonden
beeldmateriaal aangaande Centgraf/Centurio en aan de heer Zannoth voor
zijn informatie over diens naoorlogse publicaties en een toegezonden
exemplaar van Centurio-1977.
De Meern, 6 november
2005
T.W.M.
van Berkel
Aanvulling
De
bevindingen omtrent de uit 1981 daterende Nederlandse
vertaling/bewerking van Nostradamus - prophetische
Weltgeschichte zijn voorgelegd aan Kosmos-Z&K uitgevers. Op 21
november 2005 deelden zij in een reactie mede dat het in die tijd helaas
niet ongebruikelijk was een vertaling stilzwijgend te bewerken; vandaag
de dag zou dit niet meer denkbaar zijn.
Noten
-
Dr.
N. Alexander Centurio is het pseudoniem van dr. phil. Alexander Max Centgraf.
Centgraf is geen Fransman zoals Heijster schrijft, maar een Duitser.
Volgens de online-catalogus van de Deutsche Bibliothek is
Centgraf een filoloog en historicus.
De profetieën van Nostradamus is een
vertaling van Nostradamus - Prophetische Weltgeschichte,
Bietigheim, 1977, een gewijzigde herdruk van de gelijknamige uitgave
uit 1968. [tekst]
-
Van
Berkel: De
vertaling-Vreede-1941 en de editie-Lyon-1558. [tekst]
-
Centurio-1981-NL, p.156. Het overzicht van aanduidingen staat op p.31 in
het hoofdstuk De taal van de profeet. [tekst]
-
Heijster,
p.24-25 en p.29; Tenhaeff,
p.205-206. Bij het bespreken van de moord op aartshertog Franz
Ferdinand van Oostenrijk heeft Heijster een voorspelling besproken
uit de almanak voor 1912, geschreven door een Franse paragnoste, en daarbij verwezen naar Oorlogsvoorspellingen
(Heijster, p.50 en p. 254). In Oorlogsvoorspellingen, aan het begin van hoofdstuk
XI, dat over de Centuriën
gaat, staat in het Duits de opmerking van Dessoir die Heijster in
het Nederlands geeft (Tenhaeff, p.202). [tekst]
-
Heijster,
p.25-29; Centurio-1981-NL, p.171-184 en p.221-223.
[tekst]
-
Centurio-1981-NL,
p.170-179, vgl. Centurio-1977, p.180-189. [tekst]
-
Centurio-1981-NL,
p.221.223. [tekst]
-
Centurio-1981-NL,
p.207-208, vgl. Centurio-1977, p.215-216. [tekst]
-
Van
Berkel: Informatie over dr. Max Pigeard
de Gurbert alias dr. De Fontbrune (1900-1959).
[tekst]
-
Loog
(1921) p.43-59.
[tekst]
-
Noah
(2005 [1928]), p.128-140. Een aantal van deze koppelingen
kan worden teruggevoerd op
Loog-1921.
[tekst]
-
Centurio-1953, p.266-267; Centurio-1981-NL (1977),
p.181-189. [tekst]
-
Centurio-1977,
p.20; Leoni 1982 (1961), p.38-39; Van Berkel: De stamboom van
Nostradamus: nakomelingen. [tekst]
-
Centurio-1977,
p.28-29.
[tekst]
-
Centurio-1977,
p.210 en 216.
[tekst]
-
Howe, p.322.
[tekst]
-
Howe,
p.270-271, p.296 en p.305-309. Wat betreft de gegevens over Kraffts
gevangenschap in Buchenwald en zijn overlijden aldaar: Maichle: Die
Nostradamus-Propaganda der Nazis 1939-1942.
[tekst]
-
Centurio-1953,
p.80 en p.260; Centurio-1968, p.189-199 en p.262; Van Berkel: Die
Prophezeiungen des Nostradamus
(E. Noelle, DE, 1940 [1998 en 2003]), noot 15.
[tekst]
-
Maichle
aan Van Berkel, 9 en 10 juli 2005. De Berlijnse Staatsbibliotheek
heeft laten weten dat Centgraf in 1941 het exemplaar van Voorspellingen
die uitgekomen zijn... aan de Pruisische Staatsbibliotheek heeft
geschonken; in het handgeschreven jaartal op de titelpagina staan de
cijfers -1- en -2- over elkaar heen (Schöffel aan Van Berkel, 5 december 2005). [tekst]
-
Centurio-1953, p.25; Centurio-1968, p.266. [tekst]
-
De Tombre,
p.96-99. [tekst]
-
Zannoth aan
Van Berkel, 25 augustus 2004. [tekst]
-
De Tombre, p.62-63;
Centurio-1953, p.33; Centurio-1968, p.209. [tekst]
-
Centurio-1953,
p.33. [tekst]
-
De
Tombre, p.91-92; Centurio-1953, p.58; Centurio-1968, p.212.[tekst]
-
Centurio-1953,
p.71; Centurio-1968, p.215. [tekst]
-
De Tombre,
p.51-52; Centurio-1953, p.219; Centurio-1968, p.199-200.
[tekst]
-
Noah (2005
[1928]), p.156: "Engeland echter is voorzichtig genoeg de vuile was niet
op te hangen in het zicht van het buitenland."; Loog (1921), p.71:
"Weer
beschrijft Nostradamus Engeland treffend. Van bovenstaande
gebeurtenissen dringt niets tot weinig door tot het buitenland."
[tekst]
-
P.
Heil in Het Vrije Volk, 24 december 1966. [tekst]
-
De
Tombre, p.8. [tekst]
-
"Norab"-1940a,
p.5 en 47. [tekst]
-
Goebbels in gesprek met Herwarth von
Bittenfeld, in: Fröhlich, p.208-209. [tekst]
-
Tenhaeff, p.211-212. [tekst]
-
Boelcke (1966), p.434.
[tekst]
-
Van Berkel: Die
Prophezeiungen des Nostradamus
(E. Noelle, DE, 1940 [1998 en 2003]). [tekst]
-
Van Berkel: Nostradamus - de grootste ziener aller
tijden (J. Vandervoort, NL, 1998).
[tekst]
|