|
Der
Seher von Salon
Der Seher von
Salon is deel 38 in de serie Informations-Schriften, een
serie folders die in 1940 en
1941 werd geproduceerd door de Deutsche Informationsstelle, een
afdeling van het Auswärtige Amt, het ministerie van Buitenlandse
Zaken. Deze folders waren voorzien van de uitgeversnaam Europa-Verlag,
die vestigingen zou hebben in Berlijn, Londen en
Parijs.[1]
Der Seher von Salon is gedrukt door Rotadruck Wilhelm Meyer KG,
Berlin SW68 en omvat 16 tekstpagina's.
De tekst is ingedeeld in zes hoofdstukken. In ieder hoofdstuk zijn één
of meerdere kwatrijnen aan de orde gesteld. Van ieder kwatrijn is het
kwatrijnnummer gegeven. De kwatrijnteksten zijn in
het Duits, niet in het Frans.
De naam van de schrijver van Der Seher von Salon is niet vermeld.
Onderzoek van Ulrich Maichle heeft uitgewezen dat deze folder is geschreven door dr. H.-H.
Kritzinger. Een zekere heer Wilhelm heeft, voorafgaand aan publicatie,
Kritzingers tekst bewerkt. In een brief aan dr. Simon, gedateerd op 28
januari 1941, benadrukt dr.
Büttner dat Der Seher von Salon bedoeld is als aanvulling op #18
van de serie Informations-Schriften, getiteld Die Prophezeiungen des Nostradamus
en dat met name het gebruik van de Franstalige versie van Der Seher
von Salon in Franse krijgsgevangenkampen interessant is.[2]
In Der Seher von Salon zijn geen illustraties opgenomen. Ook de
kaft is zonder illustratie.
Der
Seher von Salon
| Pag. |
Hoofdstuk |
Kwatrijnen |
| 1. |
Der Seher
von Salon |
01-64 |
| 5. |
Glück und
Ende Napoleons I |
01-60,
03-35, 04-26, 08-57, 01-88, 07-13 |
| 7. |
Genf und
die französische Republik |
01-47,
01-61 |
| 9. |
Der
Siegeszug der "Philosophen" |
03-67,
03-57 |
| 11. |
Der
Zusammenbruch des englischen Reiches |
02-78,
01-64, 02-100, 10-100 |
| 14. |
Hitlers
Großdeutschland |
05-94 |
De
nationaal-socialistische boodschap van Der Seher von Salon
 |
Der Seher
von Salon
De
nationaal-socialistische boodschap van Der Seher von Salon luidt
dat in de zestiende eeuw in de Centuriën is voorspeld dat de ondergang
van Engeland nabij
is en dat haar rol in de wereld zal worden overgenomen door Duitsland. Om dit
aannemelijk te maken, is aan de Centuriën de nodige bewijskracht toegedicht
in de vorm van het voorspeld zijn van achtereenvolgens de actualiteit
van 1941, het verre verleden (Napoleon I), het nabije verleden (het
Interbellum) en het uitbreken van de Tweede
Wereldoorlog.
Het eerste hoofdstuk, getiteld Der Seher von Salon, opent met de
opmerking dat in kwatrijn 01-64 is gezinspeeld op de actualiteit in
1941, te weten luchtaanvallen op Londen. In dit hoofdstuk is ook
stilgestaan bij het leven en werk van Nostradamus. Deze is beschreven als
een onvermoeibare bestrijder van de pest, die later een teruggetrokken
leven leidde en in eenzame, nachtelijke studies in trance raakte door te
staren in een schaal met water dat licht weerkaatste. Zo kwam
Nostradamus in
contact met een wezen, dat hem de geheimen van de toekomst
openbaarde. Wat betreft de jaren '40 zou in de visioenen van Nostradamus
Europa's bevrijding van Engelse pressie zichtbaar zijn geweest en de
woelingen aangaande de nieuwe vorm van continentale orde.
In het hoofdstuk Glück und Ende Napoleons I is betoogd dat Nostradamus in
staat was sterk gedetailleerde voorspellingen te doen. Dit wordt
geïllustreerd door de koppeling van een aantal kwatrijnen aan
aangelegenheden met betrekking tot Napoleon I, de grote opponent van
Engeland: zijn geboorteplaats (kwatrijn 01-60), zijn afkomst (kwatrijn
03-35), zijn familiewapen (kwatrijn 04-26), zijn kleding en zijn houding
tegenover de Kerk (kwatrijn 08-57), zijn haardracht en zijn debâcle in
Moskou (kwatrijn 01-88) en de duur van zijn heerserschap (kwatrijn
07-13).
In het hoofdstuk Genf und die französischen Republik is het falen beschreven
van de Volkenbond (kwatrijn 01-47) en het verbreken door Duitsland van
het Verdrag van Versailles, terwijl Frankrijk een koning zal krijgen,
wiens bewind zal bijdragen aan de vrede in de wereld (kwatrijn 01-61).
In het hoofdstuk Der Siegeszug der "Philosophen" is uiteengezet dat
de "filosofen", dat wil zeggen fascisten en nationaal-socialisten, de
Europese nationale en sociale vraagstukken oplossen. Kwatrijn 03-67 is gekoppeld aan de hoofdlijnen van
het NSDAP-programma. Het Duitse leger is gekarakteriseerd als een leger
waarvan de soldaten zich met hart en ziel inzetten voor het vaderland. De Duitse invasie in Polen in september 1939
is gekoppeld aan kwatrijn 03-57. Dit kwatrijn, waarin voor Engeland
zeven veranderingen in het vooruitzicht zijn gesteld, heeft volgens het
commentaar een looptijd van 1649 tot 1939 en wijst erop dat Engeland oog in
oog komt te staan met de laatste crisis. Duitsland, dat in dit kwatrijn
is aangeduid
door het teken Ram, twijfelt aan het voortbestaan van haar buurland
Polen.
In het hoofdstuk Der Zusammenbruch des englischen Reiches is uiteengezet dat
zowel ten tijde van Napoleon I als in de actualiteit van 1941 is bewezen dat
Engeland geen vriend is van Frankrijk, maar een doodsvijand. In dit
verband is de Fransman De Fontbrune geciteerd, die reeds vóór de inval
in Polen had geschreven dat Engeland rond die tijd zou behoren tot
Frankrijks tegenstanders.[3]
Verder is geschreven over de teruggang van de Engelse macht door het
onderschatten van de kracht van Duitsland (kwatrijn 02-78) en de Duitse
luchtaanvallen (de kwatrijnen 01-64 en 02-100). De looptijd van kwatrijn 10-100,
waarin voor Engeland een wereldheerschappij in het vooruitzicht is
gesteld voor de duur van meer dan 300 jaar, begint in 1603, het jaar
waarin de Engelse koningin Elisabeth overleed, en eindigt na 1903, dat
wil zeggen ergens in de jaren '40.
In het hoofdstuk Hitlers Großdeutschland is benadrukt dat in kwatrijn 05-94
niet Allemagne staat (Duitsland), maar Grand-Germanie
(Groot-Duitsland), een verwijzing naar een groot, broederlijk verenigd
volk. Kwatrijn 05-94 is gekoppeld aan de terugname door Duitsland van
het Saargebied en Oostenrijk, de Duitse overwinning op Polen en de
capitulatie van België en Holland. Dit alles is bewerkstelligd door de
aanvoerder van het land van Arminius (Duitsland), die het bedrieglijke
Verdrag van Versailles heeft verbroken. In de slotwoorden is beschreven
hoe keizer Augustus aan Varus, de aanvoerder van de drie Romeinse legioenen die
door Arminius in 9 AD werden verslagen, wanhopig vroeg zijn
legioenen terug te geven, een vraag die ook zou zijn gesteld
aan vele generaals in Polen,
Duinkerken en Frankrijk. Mogelijk doelde dr. Büttner op deze opmerking
toen hij in zijn brief aan dr. Simon van 28 januari 1941, waarin hij
schreef over het effect dat de Franstalige versie van Der Seher von
Salon zou sorteren onder krijgsgevangenen in Frankrijk.
In 1940-'41 was anti-Britse propaganda, zoals aangetoond door Z.A.B.
Zeman in De propaganda van de nazi's (p.165), een permanent deel
van de nationaal-socialistische propaganda. Anti-Britse elementen zijn
ook aanwezig in Der Seher von Salon. Dit beteket dat in Der
Seher von Salon en andere nationaal-socialistische publicaties die
in verband staan met de Centuriën, een poging was gedaan om
Engeland te isoleren ten gunste van "de Duitse zaak" door in
te spelen op het bijgeloof dat onder mensen leefde.
Bronmateriaal
In Uranias Kinder... heeft Ellic Howe over Der Seher von
Salon, waarvan Kritzinger hem een exemplaar had gegeven, geschreven
dat de inhoud ervan berust op materiaal van Krafft.[4]
Het literatuuronderzoek dat aan dit artikel ten grondslag ligt,
heeft uitgewezen dat alleen het commentaar op kwatrijn 05-94 afkomstig
is van Krafft. Een groot deel van Der Seher von Salon kan worden
teruggevoerd op Kritzingers Mysterien von Sonne und Seele
(Berlijn, 1922), waaronder een aantal kwatrijnteksten. Sommige passages in Der Seher von Salon kunnen worden teruggevoerd
op of zijn geïnspireerd door een brochure die in november - december 1939
is geschreven in opdracht van Goebbels en in 1940 in verschillende talen is uitgebracht, waaronder het
Engels (What will happen in the near future?), het Nederlands (Hoe zal deze oorlog eindigen?) en het Zweeds (Nostradamus
spådomar om kriget).
De beschrijving in het hoofdstuk Der Seher von
Salon van de werkwijze van Nostradamus kan worden teruggevoerd op de
beschrijving ervan in Mysterien von Sonne und Seele.[5]
De inhoud van het
hoofdstuk
Glück und Ende Napoleons I kan eveneens worden teruggevoerd op Mysterien von Sonne und Seele.
Hierin heeft Kritzinger de kwatrijnen 03-35, 01-60, 01-76, 04-26,
08-57, 01-88 en 07-13 gekoppeld aan Napoleon Bonaparte. In Der Seher von Salon
zijn vier van deze
zeven kwatrijnen (de kwatrijnen 04-26, 08-57, 01-88 en 07-13) in dezelfde volgorde behandeld
en met vrijwel gelijkluidend
commentaar. Een
bespreking van de koppeling van de kwatrijnen 03-35, 01-60, 01-88 en
07-13 aan het leven van Napoleon komt ook voor in Hoe zal deze
oorlog eindigen? en Nostradamus spådomar om kriget. Bij het schrijven over Napoleon is in
deze brochures, evenals in Mysterien von Sonne und Seele en in Der Seher von Salon, een enkele keer
de benaming "de Corsicaan" gebruikt.[6]
Het commentaar op kwatrijn 01-61 in het hoofdstuk Genf und die
französische Republik (Duitsland verbreekt het verdrag
van Versailles, Frankrijk zal weer worden geregeerd door een koning)
komt ook voor in Mysterien von Sonne und Seele.[7]
De passage met betrekking tot kwatrijn 03-57 kan eveneens worden
teruggevoerd op Mysterien von Sonne und Seele, waarin Kritzinger
heeft geschreven dat zijn landgenoot Loog verwachtte dat in 1939 behalve
een crisis in Engeland ook een crisis zou uitbreken in Polen. In Hoe
zal deze oorlog eindigen? en Nostradamus spådomar om kriget is
dit kwatrijn eveneens besproken.[8]
Het noemen van De Fontbrune kan worden teruggevoerd op of zijn
geïnspireerd door Hoe
zal deze oorlog eindigen? / Nostradamus spådomar om kriget,
waarin deze Fransman uitvoerig is geciteerd om aannemelijk te
maken dat aan Engelands rol in de wereld een einde komt. Ook de
koppeling van kwatrijn 10-100 aan het jaar 1603, waarin koningin
Elisabeth overleed, kan worden teruggevoerd op een citaat uit het boek
van De Fontbrune in Hoe zal deze oorlog
eindigen? / Nostradamus spådomar om kriget.[9]
De Zwitserse astroloog Karl Ernst Krafft, die in december 1939 betrokken
raakte bij de productie van nationaal-socialistische propaganda,
gebaseerd op de Centuriën, heeft in het manuscript Nostradamus
sieht die Zukunft Europas (tweede helft 1940) kwatrijn 05-94
uitvoerig besproken. In zijn commentaar komen begrippen voor als een
geveinsde wapenstilstand, gesloten in het woud van Compiègne op 11
november 1918, de herbezetting van het Rijnland in 1936, de Anschluß,
twee jaar later, van Oostenrijk, en de grote Leider van het land van
Arminius. Krafft koppelde de plaatsnaam Bologne aan het Franse Boulogne.
Hij besteedde geen aandacht aan de bezetting van Polen.[10] In
de zomer van 1940 discussieerden
Kritzinger en Krafft met elkaar over de betekenis van de
woorden grand duc d'Armenie in de derde regel van kwatrijn 05-94.
Kritzinger was van mening dat deze woorden betrekking hadden op Stalin,
maar in 1940 was het ondenkbaar dat Stalin Wenen en Keulen zou
aanvallen. Het alternatief van Krafft was deze woorden te betrekken op
Hitler (Armenie ► Arminie ► Arminius ► Hitler). In Comment
Nostradamus a-t-il entrevu l'avenir de l'Europe?, de uiteindelijke
versie van Nostradamus sieht die Zukunft Europas die in april 1941 werd gepubliceerd, is het woord Armenie gekoppeld
aan het land van Arminius en de plaatsnaam Bologne aan Polen (Boulogne ► Pologne
[Polen]) in plaats van aan het Franse Boulogne. Kritzinger heeft
Bologne eveneens gekoppeld aan Polen. Dit impliceert dat Krafft en
Kritzinger tot zeker laat in 1940 met elkaar contact hebben gehad over
het produceren van propagandamateriaal op basis van de Centuriën.[11]
De tekst van kwatrijn 07-13 in Der Seher von Salon komt
exact overeen met de tekst van dit kwatrijn in Mysterien von Sonne
und Seele.[12]
De tekst van de kwatrijnen 01-60 en 03-35 in Der Seher von Salon
komt voor een belangrijk deel overeen met de tekst van deze kwatrijnen
in Mysterien von Sonne und Seele.[13]
De
verwerking van het bronmateriaal
De tekst van Der Seher von Salon is geschreven door Kritzinger en
bewerkt door Wilhelm. Uit de uiteindelijk geproduceerde versie kan niet
worden opgemaakt of en zo ja in hoeverre Wilhelm de tekst van Kritzinger
heeft aangescherpt of afgezwakt, passages heeft toegevoegd of weggelaten.
De vraag is of alle propagandistische uitspraken
volledig voor rekening van Kritzinger komen. In dit artikel is aangenomen dat
de propagandistische uitspraken in essentie voor rekening komen van
Kritzinger.
Kritzinger, geboren in 1887, begon zich vanaf 1895 te interesseren voor
de kosmos en heeft zich
sinds 1914 in de Centuriën verdiept.[14] Hij
was de schrijver van een anoniem pamflet, waarin kwatrijn 10-51 was
verwerkt. Dit pamflet was bedoeld voor Duitse soldaten die tijdens de
Eerste Wereldoorlog in Frankrijk
waren gelegerd.[15]
Op occult en paranormaal gebied was Kritzinger een prominent persoon. Voorzover
bekend was hij de eerste Duitse astronoom die overging tot het beoefenen
van astrologie. In 1911 werd Der Stern der Weisen
uitgegeven, zijn eerste astrologische publicatie. De schrijver van het
voorwoord was dr. Wilhelm Faber, van wie in 1922 een herziene versie van
Roesch's vertaling van de Centuriën werd uitgegeven. In de jaren
'20 was Kritzinger redacteur van het maandblad Psychische Studien,
dat vooral was gericht op onderzoek van de minder bekende fenomenen in
het zieleleven.
Kritzinger heeft in drie boeken aandacht besteed aan Nostradamus: Mysterien
von Sonne und Seele (Berlijn, 1922), Todesstrahlen und Wünschelrute
– Beiträge zur Schicksalskunde Leipzig, 1929) en Magische Kräfte!
Geheimnisse der menschlichen Seele (Dresden, 1930). Blijkens Mysterien von Sonne und Seele stond hij
in nauw contact met Loog, met wie hij diens theorieën bediscussieerde
over de manier waarop in de Centuriën de kwatrijnen waren
gerangschikt.[16]
In Mysterien von Sonne und Seele grijpt Kritzinger regelmatig
terug op Loogs Die Weissagungen des Nostradamus. In Todesstrahlen und Wünschelrute
laat hij theorieën van Loog vallen ten gunste van die van dr.
Christian Wöllner, de schrijver van Das Mysterium des Nostradamus (Leipzig,
1926). Volgens Kritzinger hebben Loog en Le Pelletier waardevolle
resultaten geboekt, maar Nostradamus in diskrediet gebracht door te
gewaagde hypothesen. Wöllner heeft volgens hem de problemen rond de Centuriën
met wetenschappelijke striktheid aangepakt.[17]
In december 1939 is Kritzinger betrokken geraakt bij de productie van
nationaal-socialistische propaganda, gebaseerd op de Centuriën.
In een gesprek met Howe in 1961, waarin Kritzinger vertelde hoe Krafft
hierbij betrokken raakte, vertelde hij dat zij van mening waren dat het
veranderen van kwatrijnen ten behoeve van de propaganda een misdrijf was
ten opzichte van Nostradamus, die zich in zijn graf zou omdraaien bij
een dergelijke handelswijze. Kritzinger en Krafft deden dan ook hun best
alleen materiaal te gebruiken dat zinvol was en treffend.[18]
In de documenten waarover Maichle beschikt, is Krafft niet genoemd als
schrijver van Der Seher von Salon. Alleen het commentaar op
kwatrijn 05-94 is van hem afkomstig, een commentaar dat Kritzinger in de
zomer van 1940 te ver vond gaan.[19]
De nationaal-socialisten wilden een
nieuw Europa, waarin Duitsland militair superieur was en leiding zou
geven aan de niet-Duitse landen in de noordelijke helft van Europa. Het nieuwe Europa moest in staat zijn
zichzelf te voorzien in haar economische behoeften, een blokkade te doorstaan en de internationale economische suprematie van
Groot-Brittannië te doorbreken. Hierop was in 1940-'41 de
nationaal-socialistische propaganda afgestemd. De vijandigheid jegens
Engeland en de uitsluiting van Engeland van het Europese
continent waren vaste propagandathema's.[20] In Der Seher von Salon zijn deze thema's diepgaand
uitgewerkt: Engeland krijgt te maken met een crisis die ernstige
economische, militaire en politieke gevolgen heeft: hongersnood, schade
door luchtaanvallen, isolatie van het Europese vasteland. Volgens Der
Seher von Salon heeft Nostradamus deze crisis eeuwen tevoren tot in
de wonderbaarlijkste details voorspeld, tot aan luchtaanvallen toe.
Kwatrijnen die zijn gekoppeld aan gebeurtenissen in het leven van
Napoleon dienen als bewijs voor de vaardigheden die Nostradamus als
voorspeller reeds aan de dag heeft gelegd. In Der Seher von Salon
is geen concrete datum genoemd vanwaaraf de Duitse hegemonie een feit
zal zijn. Voor de lezer moet het echter duidelijk zijn dat de kaarten
zijn geschud: in de zestiende eeuw is zowel Engelands ondergang in of
rond 1941 in het vooruitzicht gesteld als de opkomst van
Groot-Duitsland.
Het commentaar op Napoleon in Der Seher von Salon kan
worden teruggevoerd op Kritzingers commentaar in Mysterien von Sonne und Seele.
Veel van dit commentaar is gebaseerd op Loogs Die Weissagungen des
Nostradamus. Loog heeft zich gebaseerd op Le Pelletiers Les
Oracles de Michel de Nostredame (Parijs, 1867).[21]
In Der Seher von Salon is Loogs commentaar op Napoleon niet in verdraaide
bewoordingen weergegeven. Wel is eraan toegevoegd dat Napoleon Engelands grote tegenstander was. Het lijkt alsof Kritzinger en/of
Wilhelm hiermee hebben willen vooruitlopen op het commentaar op de gebeurtenissen vanaf 1939.
Wij voegen hieraan toe dat ook Winkler de
vijandige houding van Napoleon jegens Engeland heeft beschreven,
namelijk op p.29 in Englands Aufstieg und
Niedergang..., dat geschreven is in de eerste maanden van 1940.
Kritzinger heeft in Mysterien von Sonne und Seele kwatrijn 01-61
uitgelegd als een voorspelling van het verbreken van het Verdrag van
Versailles, in navolging van Loog. In Der Seher von Salon keert
dit commentaar in de context van de gebeurtenissen in het Interbellum
terug, met andere woorden: kwatrijn 01-61 is in vervulling gegaan;
Duitsland heeft het Verdrag verbroken.[22]
Loog heeft kwatrijn 03-67 becommentarieerd in de zin van een
voorspelling van de opkomst in Duitsland van een filosofische beweging
die zich keert tegen de hang naar rijkdom en genot. In Mysterien von
Sonne und Seele heeft Kritzinger dit kwatrijn niet aan de orde
gesteld. In Der Seher von Salon is een koppeling gelegd tussen dit kwatrijn en het NSDAP-programma, onder
verwijzing naar het Duitse leger dat zich zonder hang naar rijkdom en
genot volledig inzet voor het vaderland.[23]
Het commentaar in Der Seher von Salon op kwatrijn 03-57
kan worden teruggevoerd op Kritzingers commentaar op dit kwatrijn in Mysterien
von Sonne und Seele, zij het dat Engeland volgens Der Seher von Salon rond 1941 oog in oog komt te staan met de laatste
crisis van de serie van zeven die is begonnen in 1649. De datering van de looptijd van kwatrijn 03-57
is ontleend aan Loog. In Der Seher von Salon is achterwege gelaten dat Loog de aard
van de crises die hij voor 1939 verwachtte, niet heeft beschreven,
evenmin als een Duits aandeel hierin. Evenmin is vermeld dat
Loog pas rond 2100 een nieuwe wereldoorlog verwachtte, waarin Duitsland
weer een grootmacht zou worden. Uit het commentaar op kwatrijn 03-57 in Mysterien
von Sonne und Seele kan worden afgeleid dat Kritzinger zich reeds in
1921-'22 sterk interesseerde voor het lot van Engeland, getuige de
bewoordingen Besonders wertvoll sind die Mitteilungen über das
weltmächtige England en zijn verwachting van haar ondergang in
hetzij de tweede helft van de 20e eeuw hetzij tussen 2010 en 2040.[24]
In Der Seher von Salon is, al of niet naar aanleiding van
Kritzingers discussie
met Krafft in de zomer van 1940, de tekst van de derde regel kwatrijn
05-94 drastisch veranderd, wat blijkt bij vergelijking van deze versie
van kwatrijn 05-94 met die van Loog (1921) en Noah (1928). De vertaling
van Loog is meer in overeenstemming met de Franse grondtekst van Le
Pelletier, die Loog heeft vertaald, dan die van Noah, die in veel
opzichten Loog heeft gevolgd. Beiden hebben het woord fainte (modern-Frans: feinte =
geveinsd, schijn) in de derde regel vertaald
in de zin van het beëindigen van gevechtshandelingen, waarbij Noah de
woorden Vienna en Coloigne in het geheel niet heeft
vertaald. In Der Seher von Salon is, in navolging van Krafft, het woord fainte
vertaald in de
zin van veinzen en is kwatrijn 05-94 gekoppeld aan het verbreken
door Duitsland van het Verdrag van Versailles, de remilitarisatie van
het Rijnland in 1936, de Anschluß van Oostenrijk in 1938, de
inval in Polen in 1939 en de Westfeldzug in 1940. In feite is de
Duitse tekst van kwatrijn 05-94 in Der Seher von Salon
toegesneden op het in Der Seher von Salon geleverde commentaar.[25]
Kwatrijn
05-94
|
Le
Pelletier 1969 (1867), #II, p.114 |
Loog-1921,
p.91 |
Noah
2005 (1928), p.179 |
Krafft-1940 ms
|
Kritzinger-1941,
p.15. |
|
Translatera
en la grand Germanie,
Brabant & Flandres, Gand, Bruges, & Bolongne:
La tresue fainte le grand duc d'Armenie,
Assaillira Vienne & la Cologne. |
Uebertragen
wird er auf Großdeutschland,
Brabant und Flandern, Gent, Brügge und Boulogne.
Wenn der Waffenstilstand geschlossen ist, der Großherzog von
Armenien.
Er wird Wien und Köln bestürmen. |
Brabant,
Flandern, Gent, Brügge und Boulogne
Werden mit dem großen Deutschland vereinigt.
Wenn der Waffenkamp beendet ist,
Wird der große Furst von Armenien Kampf ansagen. |
Überfuhren wird er in den Bereich
von Großdeutschland Brabant und Flandern, Gent, Brügge und
Boulogne. Der Waffenstillstand ein Betrug; der große Führer
von Arminien, d.h. des Landes der Arminius, wird überraschend
besetzen Wien und Köln.
|
Hinübernehmen
nach Großdeutschland wird,
Brabant und Flandern, Gent und Brügge, Polen -
Vertrag war Schwindel! - Der Arminien führt,
Wird sich im Sprunge Wien und Cöllen holen. |
Tenslotte
is in Der Seher von Salon verwezen naar verwachtingen die de Fransman De Fontbrune in
1938 in in Les Prophéties
de Maistre Michel Nostradamus expliquées et commentées
heeft uitgesproken over een oorlog die naar de mening van De Fontbrune rond 1947 zou
kunnen uitbreken en de positie van Engeland in die oorlog: in de rijen
van Frankrijks vijanden. Kennelijk hebben Kritzinger en/of Wilhelm door het ten tonele
voeren van een onafhankelijke Franse tijdgenoot de indruk willen wekken
dat hun eigen tekst niet aan propaganda onderhevig was. Wat zij niet
hebben vermeld, is dat De Fontbrune ook de ondergang van het fascisme en
nationaal-socialisme in het vooruitzicht had gesteld.[26] Het
boek van De Fontbrune is uitvoerig geciteerd op de pagina's 32-38 van Hoe
zal deze oorlog eindigen? (Den Haag, april 1940), de
Nederlandstalige versie van een nationaal-socialistische brochure waarin gebruik
is gemaakt van Centurie- commentaren, met de
originele tekst in een aanhangsel en exacte paginaverwijzingen. De ironie wil dat
in november 1940, dus kort voor het verschijnen van Der
Seher von Salon, dit boek van De Fontbrune op last van het Franse
Vichy-bewind uit roulatie is genomen, omdat er voorspellingen in
stonden die de Duitsers tegen de haren in zouden kunnen strijken.[27]
Bespreking
In dit artikel is Der Seher von Salon besproken, een kleine
nationaal-socialistische propagandafolder, waarin de lezers op grond van
de Centuriën is voorgehouden dat de ondergang van Engeland op
handen zou zijn en dat haar rol in de wereld zou worden overgenomen door
het Duitsland van Hitler. Dit thema was één van de hoofdthema's in de
nationaal-socialistische propaganda in 1940-'41. Dankzij het onderzoek
van de heer Maichle is komen vast te staan dat deze folder is geschreven
door dr. H.-H. Kritzinger, die reeds in december 1939 betrokken was bij
de productie van nationaal-socialistisch propagandamateriaal op basis
van de Centuriën, en bewerkt door een zekere Wilhelm.
In dit artikel is het bronmateriaal beschreven dat is gebruikt bij het
samenstellen van de tekst van Der Seher von Salon. Grote delen van de
tekst van Der Seher von Salon kunnen worden teruggevoerd op
Kritzingers Mysterien von Sonne und Seele. Slechts één
commentaar, het commentaar op kwatrijn 05-94, kan worden teruggevoerd op
Karl Ernst Krafft, te weten op een discussie tussen Krafft en Kritzinger
in de zomer van 1940, door Kritzinger beschreven in 1962.
De
Centuriën in het oeuvre van Kritzinger
Kritzinger heeft
in de loop der jaren verschillende posities ingenomen ten aanzien van de
Centuriën. In de Eerste Wereldoorlog vervaardigde hij een
pamflet voor het Duitse leger, waarin hij kwatrijn 10-51 besprak. In
1922 volgde hij in Mysterien von Sonne und Seele de lijnen die
Loog een jaar tevoren had uitgezet in Die Weissagungen des
Nostradamus en vergeleek hij Loogs theorieën en tijdpaden met zijn
eigen tijdpaden aangaande de toekomst van de wereld, met name Engeland.
In 1929 heeft Kritzinger zich in Todesstrahlen und Wünschelrute
gereserveerder opgesteld tegenover Loogs theorieën en de
cyclustheorieën opgepakt die Wöllner in 1926 in Das Mysterium des
Nostradamus heeft beschreven, in het kader van een bespreking van de
betekenis die in de loop der eeuwen is gehecht aan de Grote Conjuncties
van Jupiter en Saturnus. Deze verhandeling van Kritzinger is a-politiek.
In het nationaal-socialistische geschrift Der Seher von Salon zijn
passages verwerkt, die afkomstig zijn uit Mysterien von Sonne und
Seele. Aan deze passages zijn elementen toegevoegd die op één of
andere manier pleiten voor "de Duitse zaak". De vraag is of
Kritzinger het commentaar dat hij in 1922 had gegeven, heeft bijgesteld
vanwege louter en alleen propagandistische motieven of dat hij zijn
commentaar schreef vanuit de overtuiging dat Nostradamus het verbreken
door Duitsland van het Verdrag van Versailles had voorspeld, het
uitbreken en verloop van de Tweede Wereldoorlog, de luchtaanvallen op
Engeland en Engelands ondergang in 1941. Gezien zijn interesse in 1922
in het lot van Engeland en zijn speculaties over het jaar waarin
Engeland ten onder zou gaan, is het mogelijk dat Kritzinger er rond 1941
echt van overtuigd was dat de loop van de gebeurtenissen in het
Interbellum en bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was
voorspeld in de Centuriën. Echter, propaganda-elementen zoals
het afschilderen van Napoleon als Engelands grote vijand en het
verdraaien van de tekst van kwatrijn 05-94 betekenen dat Der Seher
von Salon vanuit exegetisch oogpunt een besmette publicatie
is.
Voorzover mij
bekend heeft Kritzinger na de oorlog niet meer over Nostradamus
gepubliceerd. Wel kan worden gezegd dat hij in 1961-'62 tegenover Howe
zijn eigen aandeel in de nationaal-socialistische propaganda op basis
van de Centuriën verkeerd heeft voorgesteld.[28]
Wellicht wilde de toen 73-jarige professor dit hoofdstuk in zijn leven
gesloten houden.
Dankbetuiging
Naast oprechte
dank aan de heer Maichle, die mij een aantal van zijn
onderzoeksresultaten aangaande de lotgevallen in de Tweede Wereldoorlog
van de Centuriën heeft meegedeeld, wil ik ook dr. Elmar R.
Gruber bedanken voor het toezenden van een fotokopie
van Der Seher von Salon. In het exemplaar dat in zijn bezit is,
staat een stempelafdruk van het Haupt-Archiv der NSDAP, München, een
stempelafdruk met het nummer III/30/c en een stempelafdruk met het
nummer 142.
De
Meern, 11 maart 2006
T.W.M.
van Berkel
bijgewerkt op 11 september 2006
Noten
-
Zie
voor een algemene beschrijving van de serie Informations-Schriften:
Van Berkel: De
nationaal-socialistische propagandaserie Informations-Schriften (DE,
1940-'41). [tekst]
-
Zie
een notitie van Abt. Inf. IV dd. 17 januari 1941 en een brief
van dr. Büttner aan dr. Simon dd. 28 januari 1941 in: Maichle: Die
Nostradamus-Propaganda der Nazis 1939-1942. [tekst]
-
De
Fontbrune, p.258: Sept fois, dit Nostradamus.
Il faut donc penser que l'Angleterre passera au rang de nos ennemis
dans le prochain conflit. [tekst]
-
Howe,
p.250. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.3-4; Kritzinger-1922, p.125. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.5-7; Kritzinger-1922,
p.132-133; Kritzinger-1941, p.6 en 7; Hoe zal deze
oorlog eindigen?, p.18-20 (kwatrijn 07-13 draagt hierin het foutieve
nummer VIII, 13); Nostradamus spådomar om kriget,
p.21-22. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.7-8; Kritzinger-1922,
p.135-136. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.10-11; Kritzinger-1922,
p.136; Loog-1921, p.68-69; Hoe zal deze oorlog eindigen?,
p.28-30; Nostradamus spådomar om kriget, p.33-37. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.11-14; De
Fontbrune, p.257; Hoe zal deze oorlog eindigen?, p.26-27; Nostradamus
spådomar om kriget, p.31. [tekst]
-
Voor het manuscript van Krafft:
Maichle: Die
Nostradamus-Propaganda der Nazis 1939-1942. [tekst]
-
Howe,
p.246-247; Krafft-1941,
p.145-148. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.7; Kritzinger-1922, p.133. [tekst]
-
Kritzinger-1941,
p.5-6; Kritzinger-1922, p.132.
[tekst]
-
Kritzinger-1929,
p.VI; Kritzinger-1922,
p.120, voetnoot. [tekst]
-
Kritzinger
aan Howe, 24 oktober 1962, in: Howe, p.246-247. [tekst]
-
Kritzinger-1922,
p.128. [tekst]
-
Kritzinger-1929,
p.273. Wöllner is het pseudonym van dr. Carl Weidner (Kritzinger-1929,
p.268; W. Venerius: Verhoging en val van de planeten (2005 [1987]), p.121).
[tekst]
-
Howe,
p.220-223 en p.246. [tekst]
-
Kritzinger
aan Howe, december 1962, in: Howe, p.168-169. [tekst]
-
Zeman,
p.164-165. [tekst]
-
Loog,
p.8. [tekst]
-
Kritzinger-1922,
p.136; Kritzinger-1941, p.7-8; Loog-1921, p.62. [tekst]
-
Loog,
p.67; Kritzinger-1941, p.9-10. [tekst]
-
Kritzinger-1922,
p.136-137; Kritzinger-1941, p.9-11; Loog-1921, p.68-69. Zie ook: Van
Berkel: Kwatrijn 03-57 en Die
Weissagungen des Nostradamus (C. Loog, Pfullingen in
Württenberg, 1921 [1920]). [tekst]
-
De
vertaling van fainte in de zin van geveinsd is niet een
typisch nationaal-socialistische vertaling; ook Houwens Post en
Leoni hebben dit woord op deze wijze vertaald (Vreede, p.110; Leoni,
p.276-277). [tekst]
-
De
Fontbrune, p.258 e.v.; Kritzinger-1941, p.11. [tekst]
-
Benazra,
p.486; Van Dis in NRC-Handelsblad, 19 februari 1982; Howe, p.250. [tekst]
-
Van Berkel: De
lotgevallen in 1939 van Mysterien von Sonne und Seele (dr.
H.-H. Kritzinger, DE, 1961). [tekst]
|