Laurens
Videl in"Declaration des abus ignorances et seditions de
Michel Nostradamus (1558 [1557])
|
... Regarde Michel ie te prye si tu es encores plus
ignare & gros asne que ie ne dis la pleine lune que tu as
mis en tes presages du moys de Ianuier de lan 1557.tu dis la
lune estre à 37.degrez & 46.minutes de cancer: qu'est ce
que tu dis grosse beste le soleil est en aquarius & la
lune opposite seroit en cancer, qui t'a apris que cancer soit
opposite a aquarius: vn qui n'aurait iamais veu liure
d'astrologie scauroit il faire plus grand erreur que tu fais,
n'est tu pas bien sot si tu n'entens que leo est opposite a
aquarius, & non cancer, car il est opposite a capricorne,
n'est ce pas l'a.b.c. des principes que l'on aprend en
astrologie... |
Al tijdens zijn leven stond
de manier waarop Nostradamus de astrologie beoefende, bloot aan kritiek. In november
1557 voltooide zijn landgenoot Laurens Videl Declaration
des abus ignorances et seditions de Michel Nostradamus, een boekje dat volgens
de verdere titel nuttig zou zijn voor iedereen. Videl levert hierin
kritiek op de inhoud van voorspellingen van Nostradamus en op diens
astrologisch-technische vaardigheden. Hij baseert zich op onderzoek
van onder andere een aantal Almanachs.
Videl constateert bijvoorbeeld dat Nostradamus bij het bespreken van de
intrede van de Zon in één van de hoofdtekens (Ram, Kreeft, Weegschaal
of Steenbok) verkeerde Zonposities opgeeft, de tijdstippen waarop
posities van planeten zich voordoen op ongebruikelijke wijze noteert, bij het bepalen van aspecten en bijzondere
omstandigheden (zoals "combust") fouten maakt en bij het bespreken van
maanfasen verkeerde maanposities opgeeft. In bovenstaand fragment
bijvoorbeeld signaleert hij dat Nostradamus voor de
Volle Maan van januari 1557 als graadpositie van de Maan 37:46 Kreeft
opgeeft, terwijl de Zon in Waterman staat en in de astrologie niet het
teken Kreeft tegenover het teken Waterman ligt, maar het teken Leeuw.
Volgens Videl blijkt hieruit dat Nostradamus de grondbeginselen van de astrologie (l'a.b.c.
des principes que l'on aprend en astrologie) niet begrijpt.
De - inmiddels overleden - Canadese hoogleraar Brind'Amour constateerde
in 1993 na uitvoerig onderzoek eveneens dat het
met de astrologisch-technische vaardigheden van Nostradamus slecht was
gesteld. Naar
aanleiding van de bevindingen van Brind'Amour en Videl zijn in het
onderzoek dat ten grondslag ligt aan Nostradamus, astrologie en de
Bijbel, een aantal Almanachs en Pronostications wat
betreft hun astrologische vermeldingen gecontroleerd met hedendaagse
software. Ook zijn de horoscopen gecontroleerd die deel uitmaken van de
bewaard gebleven correspondentie van Nostradamus. De resultaten van deze
controles zijn vergeleken met de bevindingen van Brind'Amour en Videl en
bevestigen hun bevindingen.
Bepaalde fouten en abnormaliteiten kunnen Nostradamus echter niet worden
aangerekend. Het zijn zetfouten of fouten die zijn gemaakt door anderen
die tekstbijdragen of tabelmateriaal hebben geleverd. Verder blijken
sommige onderzoeksbevindingen voor discussie of verbetering vatbaar te
zijn. Datum
en tijd
Een
zijdelings punt van
kritiek van Videl was dat Nostradamus een gegeven als bijvoorbeeld 1 maart 1557, 03:47, noteerde als 28 februari 1557, 15:47.
Deze notatie was in de tijd van Nostradamus niet ongebruikelijk en heeft een goede reden.
In die tijd liep in de efemeriden de dag van 12:00 tot 12:00 en niet
van middernacht tot middernacht. Met het oog op juiste interpolatie is
deze notatie nog niet eens zo gek, integendeel. Het tijdstip 15:47 kan
zonder omhaal worden gedeeld door 24; bij het tijdstip 03:47 a.m. moet
eerst 12 uur worden opgeteld, om de uitkomst vervolgens te delen door
24.
Deze manier van datumnotatie, waarbij de dag loopt van
12:00 tot 12:00, heeft ook gevolgen voor de naam van de dag.
De geboortegegevens van Hieronymus Purpurati (Jérôme Purpurat), één
van de cliënten van Nostradamus, luidden: An Chris M.D.XVII, D
Mercurius, XIX augusti, h.XVI, m.XV PM, dat wil zeggen: 1517 A.D.,
woensdag 19 augustus, 16:15 p.m, waarbij de dag loopt van 12:00 tot
12:00.[1] Volgens de
huidige notatie, waarbij de dag loopt van middernacht tot middernacht,
is er sprake van donderdag 20 augustus 1517, 04:15.
Nostradamus was niet de enige astroloog die de dag rekende van 12:00 tot
12:00. In Eclipsium
omnium 1554-1606, waarin voorspellingen staan voor een serie Zons-
en Maansverduisteringen die zich tussen 1554 en 1606 voordoen, heeft
Cyprianus Leovitius, de schrijver, eveneens gerekend van
12:00 tot 12:00.
Videl gebruikte zijn kritiek op deze datumnotatie als opmaat voor het
bespreken van de manier waarop Nostradamus een maanfase onder woorden
bracht. In het bekritiseren van het hanteren van maanfasen had hij
gelijk; er is echter geen reden de datumnotatie te bekritiseren. Basisvaardigheden
In het
gekozen fragment uit Declaration des abus... signaleert Videl
dat in "voorspellingen
voor januari 1557" als maanpositie tijdens een Volle Maan, 37:46
Kreeft was vermeld. Volgens Videl blijkt hieruit dat Nostradamus de
astrologische basisvaardigheden niet beheerst, in dit geval: de volgorde
van
de Dierenriemtekens. De tekst van de bespreking van de maanfasen in de 1557-Prono-F
nodigt uit tot een verder onderzoek van hetgeen Videl signaleert. In de 1557-Prono-F staat in de bespreking van de maanfasen van
januari 1557 dat er op 14 januari 1557om 12:57 een Volle Maan is
op 27:47 (!) Kreeft.[2]
Volgens softwaregegevens was de positie van de Maan op
14 januari 1557, 12:00 WPT Venetië: 27:04 Kreeft. Nostradamus heeft in
de 1557-Prono-F
de middaguurpositie vermeld van de Maan op 14 januari 1557, die hij
heeft overgenomen uit een efemeride, die waarschijnlijk is berekend voor 12:00 WPT Venetië.
De vraag
is aan welke publicatie Videl refereert: de 1557-Almanach-F
of de 1557-Présages Merveilleux-F . Dan zou in één van die publicaties een
zetfout staan: 37:46 Kreeft, terwijl in de 1557-Prono-F 27:47
Kreeft is vermeld. Of staat in de 1557-Almanach-F
of de 1557-Présages Merveilleux-F de vermelding 27:46 Kreeft? In dat geval kan er bij het drukken van Déclaration des
abus... een zetfout zijn gemaakt, waarbij er 37:46 is gedrukt in plaats
van 27:46. Dan is er ook nog de mogelijkheid dat Videl zelf de graadpositie "37:46"
heeft geschreven.
Het meest waarschijnlijke is dat bij het drukken van Déclaration
des abus... de vermelding 27:46 Kreeft is gedrukt als 37:46 Kreeft.
Zou de oorspronkelijke vermelding 37:46 Kreeft zijn geweest, dan was
Videl de eerste geweest om op te merken dat een Dierenriemteken 30
boograden telt, en geen boogseconde meer. Videl is in dit fragment niet ingegaan op de gevolgen die de vermelding
"Kreeft" heeft voor hetgeen is voorspeld op grond van de Volle Maan
in januari 1557. Die gevolgen zijn desastreus.
In de bespreking van de uitwerking van maanfasen (Nieuwe Maan, Eerste
Kwartier, Volle Maan en Laatste Kwartier) vermeldt Nostradamus meestal het tijdstip waarop een maanfase exact is.
Hij heeft deze tijdstippen overgenomen uit efemeriden, bijvoorbeeld de
efemeride die is berekend voor 12:00 WPT Venetië. Het overnemen van
tijdstippen die in efemeriden zijn vermeld is een normale werkwijze, die ook vandaag de dag
door astrologen wordt gevolgd. Neil Michelsen's uitgebreide versie van
de American Ephemeris bevat aspectaria met GMT-momenten van
aspecten en maanfasen. Bij het overnemen moet men wel vermelden dat het om GMT-momenten
gaat of de GMT-momenten omzetten in de plaatselijk geldende
tijdsoort.
Nostradamus doet geen van beide. Hij vermeldt niet dat de
tijdstippen gegrond zijn op een andere WPT dan die van Salon-de-Provence
en zet de tijdstippen ook niet om in WPT Salon-de-Provence.
Tot zover is er nog niets aan de hand, maar de maanposities die
Nostradamus bij de maanfasen vermeldt, zijn niet de posities op het
moment waarop de maanfasen exact zijn, maar de posities om 12:00 uur,
zoals vermeld in de efemeride. Deze middaguurposities zijn voor hem het
uitgangspunt voor de voorspellingen. Dit leidt tot fouten als de
Maan tijdens de exacte maanfase in een ander teken staat dan het teken,
waarin de Maan staat om op het middaguur.
In de 1557-Prono-F is vermeld dat in januari 1557 de Volle Maan
zich voordoet op 14 januari, 12:57. De opgegeven maanpositie: 27:47
Kreeft. Dit is niet de positie van de Maan tijdens de exacte maanfase, maar de middaguurpositie van de Maan op 14 januari
(12:00 WPT Venetië).
De opgave in de 1557-Prono-F moet worden gelezen als Volle Maan
op 15 januari
1557, 0:57 WPT Venetië. Volgens softwaregegevens stond de Zon op dat
moment op 4:52 Waterman en de Maan op 4:49 Leeuw.
De voorspelling in de 1557-Prono-F
is niet gebaseerd op de Maan in Leeuw, maar op de middaguurpositie van de Maan in Kreeft: "Volle Maan 14
om 12:57 op
27:42 Kreeft, die door haar waterigheid vochtig zal zijn met een aantal
matigingen..." [3]
Het woord "waterigheid" houdt verband met het feit dat het teken
Kreeft hoort tot de watertekens.
Samengevat: in de 1557-Prono-F staat een voorspelling voor de
Volle Maan van 14 januari 1557, gebaseerd op een positie van de Maan in
Kreeft. Over die positie kan worden gezegd dat het de middaguurpositie
is (WPT Venetië) in plaats van de positie tijdens de exacte Volle Maan.
Verder kan worden gezegd dat de exacte Volle Maan zich niet voordeed in
Kreeft, maar in Leeuw. De voorspelling werd geformuleerd op basis van
uitleg van de positie van de Maan in Kreeft, terwijl de positie van de
Maan in Leeuw de basis had moeten zijn. Er is derhalve sprake van een
foutieve voorspelling, veroorzaakt door het overnemen van posities uit
efemeriden in plaats van interpoleren.
In de verdere voorspellingen op basis van de maanfasen is er regelmatig
sprake van dit soort fouten. Horoscoopfiguren
in de correspondentie van Nostradamus
Een deel van de correspondentie van Nostradamus is bewaard
gebleven en in 1983 gepubliceerd door Jean Dupèbe onder de
titel Nostradamus - Lettres inédites. Deze publicatie omvat 54
brieven, geschreven in de periode februari 1556 - december 1565. Hiervan
zijn er 12 geschreven door Nostradamus en zijn er 42 aan hem gericht.
51 van de 54 brieven zijn Latijnstalig. Dupèbe heeft elke Latijnstalige brief samengevat in het
Frans en alle 54 brieven voorzien van aanvullend commentaar. In Nostradamus
- Lettres
inédites staan ook gegevens van besproken horoscopen (naam,
datum, tijdstip en altitude) maar er zijn geen horoscoopfiguren in afgebeeld.
Bernadette Lecureux heeft de 51 Latijnstalige brieven vertaald in het
Frans. Deze vertaling is, samen met de drie Franstalige brieven,
gepubliceerd in Amadou's L'astrologie de Nostradamus - dossier (1992 [1987]).
Hierin zijn ook reproducties afgebeeld van 15
oorspronkelijke horoscoopfiguren van de correspondentie, transcripts van deze figuren, gemaakt door Robert Morin en
horoscoopfiguren op basis van herberekeningen, uitgevoerd door "Méridien Informatique"
in Toulon.
Voorzover in de brieven solaarhoroscopen
zijn besproken, zijn deze berekend door "Méridien Informatique".
Verder staan in dit gedeelte van L'astrologie de Nostradamus - dossier
reproducties van horoscoopfiguren en teksten van de hand van Cyprianus
Leovitius.
De tekst en
bijbehorende horoscoopfiguur van de brief van Nostradamus aan de
kanunikken van Orange, gedateerd op 4 februari 1562, is niet opgenomen
in Nostradamus - Lettres inédites, maar wel in L'astrologie de Nostradamus
- dossier.
Brind'Amour heeft wat betreft de horoscopen die Nostradamus heeft
gemaakt en waarover hij in zijn brieven heeft geschreven, vastgesteld dat
ze worden gekenmerkt door drie
categorieën fouten.[4] De eerste categorie is dat planeten niet altijd in de juiste huizen staan.
De tweede categorie is dat de posities van de
Zon en het MC niet kloppen met het tijdstip waarvoor
deze horoscopen zijn berekend. Volgens Brind'Amour voerde Nostradamus geen
interpolaties uit, maar koos hij de
dichtstbijliggende Sterrentijd en schreef hij de bij die Sterrentijd
vermelde posities van de cuspen over. De derde categorie is dat de graadposities van de planeten
niet die van het tijdstip van deze horoscopen zijn, maar van het middaguur. Dit
wijst erop dat er niet is geïnterpoleerd, maar dat de
middaguur-posities die in de efemeriden staan, zijn overgeschreven, een handelwijze die ook blijkt uit
graadposities in de Almanachs en Pronostications.
Brind'Amour merkt op dat Nostradamus
in zijn brieven schrijft dat hij een aantal huizensystemen gebruikt,
waaronder het Regiomontanus-huizensysteem. Echter, in alle horoscoopfiguren
van de correspondentie ligt aan de
graadposities van de cuspen alléén het Regiomontanus-huizensysteem ten
grondslag.
Als verklaring voor het fenomeen van foutieve huisposities van planeten
heeft Brind'Amour de mogelijkheid geopperd dat, ter voorbereiding van eventuele
publicatie, in horoscoopfiguren waarin een ander huizensysteem was
gebruikt, ter uniformering het Regiomontanus-huizensysteem werd
doorgevoerd. In een aantal gevallen zou dit moeten hebben geleid tot andere huisposities
van planeten. De gedachte van Brind'Amour was dat de figuur in dát
opzicht niet werd aangepast; de planeten
bleven in de huizen waarin ze
oorspronkelijk stonden. Dit zou dus een oorzaak kunnen zijn voor
foutieve huisposities.
Brind'Amour laat in het midden wie de horoscoopfiguren heeft herzien.
Hij schrijft: misschien heeft men de cuspen van de huizen
herberekend volgens het Regiomontanus-systeem terwijl de planeten in
dezelfde huizen bleven staan als voorheen.[5]
Met deze
opmerking besluit hij de bespreking van de eerste categorie fouten en
gaat hij over op het bespreken van de tweede categorie: het overnemen van cusp-posities uit huizentabellen op basis van
de dichtstbijliggende Sterrentijd in plaats van het uitvoeren van
interpolaties.
In zijn inleiding op de brieven maakt Dupèbe eveneens gewag van
voorbereidingen in het kader van publicatie en schrijft hij dat de
collectie bestaat uit herziene, gecalligrafeerde versies, gemaakt in de tweede helft van de
zestiende eeuw. In 1629 werd deze collectie door César, de oudste
zoon van Nostradamus, uit handen gegeven. Lange tijd werd deze collectie verloren geacht, tot de
Fransman Lhez hem vond in 1961.[6] De consequentie van de mogelijkheid die Brind'Amour oppert, is dat eerst
moet
worden vastgesteld welke horoscoopfiguren authentiek zijn, dat wil
zeggen door Nostradamus zelf
berekend, ingetekend en/of herzien op de manier zoals Brind'Amour heeft
beschreven, en welke horoscoopfiguren (in de tweede helft van de
zestiende eeuw of later) zijn herzien door anderen. Bij de horoscoopfiguren die door anderen zijn herzien, kan noch de eerste categorie fouten (planeten in verkeerde
huizen), noch de tweede categorie (het overschrijven van
cusp-posities uit huizentabellen) aan Nostradamus worden toegeschreven.
Degene die de oorspronkelijke posities van de tussenliggende huizen (de
huizen 2, 3, 5, 6, 8, 9, 11 en 12) verving door posities volgens het Regiomontanus-huizensysteem, kan deze
posities evenzogoed hebben overgeschreven uit Regiomontanus-huizentabellen,
en wel op basis van de posities van het MC en
de Ascendant in de oorspronkelijke horoscoopfiguren. Huizensystemen verschillen van elkaar wat betreft de posities van de
tussenliggende cuspen, maar niet wat betreft de posities van de Ascendant en
het MC.
Het antwoord op de vraag welke horoscoopfiguren Nostradamus zelf heeft
berekend, ingetekend en/of herzien, is ook belangrijk
vanwege zijn opmerking in een brief aan Lorenz Tubbe,
gedateerd op 13 mei 1562.[7]
Hierin
schrijft Nostradamus dat hij voor Hans Rosenberger diens solaarhoroscoop
voor 1562 heeft berekend, diens geboortehoroscoop opnieuw heeft
berekend en eigenhandig het commentaar heeft geschreven. Zijn
overbezette secretarissen hadden echter nog geen tijd dit over te
schrijven. Het overschrijven was noodzakelijk omdat het handschrift van
Nostradamus niet goed leesbaar was.
De vraag is of de secretarissen
alleen als taak hadden het commentaar over te schrijven of dat zij ook de horoscoopfiguren
opnieuw moesten tekenen. Bij het opnieuw tekenen van een horoscoopfiguur
kunnen fouten worden gemaakt. De kwartaalhoroscoop voor de lente van 1558
In
september 1557 stuurde Nostradamus aan Jean Brotot, uitgever in Lyon, twee series
voorspellingen.
Eén ervan bevatte een opdracht, gericht aan de gouverneur van de
Provence; de andere bevatte een opdracht, gericht aan Joseph des Panisses,
prelaat van Cavaillon, aan wie eerder de Prognostication
nouvelle et prédiction portenteuse pour l'an M.D.L.V (de 1555-Prono-F)
is opgedragen.[8]
Op 20 september 1557, de dag na ontvangst, schreef Brotot aan Nostradamus dat hij
diens teksten langdradig vond. De tijd vereiste korte, bondige
bewoordingen en de doorsnee lezer zou twee series voorspellingen, gebaseerd op
één en dezelfde bron, niet op prijs stellen. Op grond hiervan maakte Brotot aan Nostradamus
zijn voornemen kenbaar om in eerste instantie slechts één serie voorspellingen te publiceren
(hij liet aan Nostradamus de keuze welke serie), waaraan hij nuttige zaken uit de andere serie zou
toevoegen.[9] Uiteindelijk zou Brotot beide series willen publiceren en de opdracht van iedere serie
aan zowel de gouverneur van de Provence richten als aan de prelaat van
Cavaillon. Verder zou hij tabellen, bestemd voor de "Bourguignons", aanvullen met heiligendagen,
maanfasen en hun betekenissen, kwatrijnen en Franstalige teksten.[10]
De brief van Brotot heeft waarschijnlijk betrekking op twee series voorspellingen
voor 1558: de Almanach pour 1558 (de 1558-Almanach-F),
waarvan één enkel exemplaar zich in een niet-toegankelijke
privécollectie bevindt, en de Pronostication nouvelle pour l'an mil cinq
cens cinquante & huict (de 1558-Prono-F). De 1558-Prono-F
is uitgegeven in Lyon door Jean Brotot en Antoine Volant en in Parijs
door Guillaume le Noir; de versie van Le Noir is identiek aan die van
Brotot en Volant.[11]
De toestemming voor Brotot en Volant om de 1558-Prono-F te
drukken en uit te geven, is gedateerd op 5 juli 1557; de toestemming
voor Le Noir is gedateerd op 20 september 1557.[12]
Het voorwoord van
de beide uitgaven van de 1558-Prono-F is niet gericht aan twee personen,
zoals Brotot in gedachten had, maar aan één persoon: Guillaume de
Guadagne, hofmaarschalk van Lyon. In hoeverre Brotot zijn andere ideeën
heeft doorgevoerd, valt niet te achterhalen. Wel is duidelijk dat
Nostradamus de tabellen die bij de series voorspellingen horen, niet
zelf heeft samengesteld.
In de 1558-Prono-F wordt onder
andere aandacht besteed aan de kwartaalhoroscopen voor de lente, zomer,
herfst en winter van dat jaar. In de eerste alinea's van de bespreking
van de kwartaalhoroscoop voor de lente van 1558 staan de volgende
gegevens:[13]
-
De
datum van de kwartaalhoroscoop: 11 maart 1558;
-
De
positie van de Zon op 11 maart 1558: 0:53 Ram;
-
De
positie van de Maan op 11 maart 1558: 16:40 Leeuw;
-
De
positie van Mars op 11 maart 1558: in Ram;
-
Een
Zon-Jupiter conjunctie en een Maan-Caput Draconis conjunctie op 29
december 1557;
-
Een
Mars-Saturnus conjunctie, in de voorgaande algemene beschrijving van
1558 gedateerd op 1 april 1558;[14]
-
Een
Maansverduistering, in het verdere verloop gedateerd op 2 april 1558
op 12:32 uur.[15]
Softwaregegevens
wijzen het volgende uit:
-
29 december 1557, 12:00
uur WPT Venetië: Zon: 17:48 Steenbok, Jupiter: 19:15 Steenbok,
Maan: 24:32 Ram, Caput Draconis: 3:25 Stier;
-
11
maart 1557, 12:00 uur WPT Venetië: Zon: 0:17 Ram, Maan: 23:41
Boogschutter, Mars: 25:35 Ram;
-
1
april 1558, 12:00 uur WPT Venetië: Mars: 10:47 Stier, Saturnus:
9:09 Stier.
-
3
april 1558, 0:27 WPT Venetië: Zon: 22:25 Ram, Maan: 22:25
Weegschaal, Caput Draconis: 28:25 Ram.
Het
tijdstip van de kwartaalhoroscoop van de lente van 1558 is niet gegeven.
Volgens softwaregegevens gaat het in de tekst om posities op 11 maart
1558, 12:00 WPT Venetië. Nostradamus heeft niet
berekend hoe laat het zou zijn in Salon-de-Provence als de Zon op 11
maart 1558 op 0:00 Ram zou staan.
De
astrologische gegevens in de tekst van de bespreking van de
kwartaalhoroscoop voor de lente van 1558, 29 december 1557 en 1 en 2
april 1558, komen vrij goed overeen met softwaregegevens. De efemeridengegevens
wat betreft de Maansverduistering stemmen er zelfs vrijwel mee overeen. Nostradamus telde de dag vanaf het middaguur.
De datum 2
april 1558, 12:32, is in feite 3 april 1558, 0:32. Volgens
softwaregegevens voltrok de Maansverduistering zich op 3 april 1558,
0:27 WPT Venetië.
Volgens de
tekst van de kwartaalhoroscoop staat de Maan op 11 maart 1558 op 16:40 Leeuw, volgens softwaregegevens staat de
Maan om 12:00 WPT Venetië op 23:41
Boogschutter. Verderop in de 1558-Prono-F staat bij de bespreking
van de uitwerking van de maanfasen dat er op 11 maart een Laatste
Kwartier is, 14 minuten boven het Equinoxpunt, met de Maan op 23:18
Boogschutter.[16] Dit klopt niet; softwaregegevens wijzen uit dat de
Maan in dit Laatste Kwartier op 2 Steenbok staat. De opgegeven maanpositie
komt
overeen met softwaregegevens voor 11
maart 1558, 12:00 WPT Venetië: 23:41 Boogschutter.
In de 1558-Prono-F zijn er voor één
en dezelfde datum, 11 maart 1558, twee verschillende maanposities (in
Leeuw en in Boogschutter). Dit kan worden uitgelegd als de zoveelste illustratie van het
feit dat Nostradamus astrologisch-technisch gezien onvoldoende onderlegd
was. Het geval is echter gecompliceerder dan het
op het eerste gezicht lijkt.
De datum van de kwartaalhoroscoop van de lente van 1557, besproken in de
1557-Prono-F, is 11 maart, evenals de datum van de
kwartaalhoroscoop van de lente van 1558.[17] De graadpositie van de Zon in de kwartaalhoroscoop van de
lente van 1557 is volgens de tekst 0:53 Ram, evenals in de tekst van de
kwartaalhoroscoop van de lente van 1558.
In de 1557-Prono-F is in de tekst van de kwartaalhoroscoop van de lente van 1557
noch de
tekenpositie van de Maan gegeven, noch de graadpositie. In de 1557-Prono-F
staat in de bespreking van de maanfasen van maart 1557 dat op 7 maart een
Eerste Kwartier is met de Maan in Tweelingen en op 14 maart een Volle
Maan met de Maan in Maagd.[18]
Tussen 7 en 14 maart 1557 loopt de Maan gedurende een
aantal dagen door het teken Leeuw. Softwaregegevens
wijzen uit dat op 11 maart 1557, 12:00 WPT Venetië, de Maan op 16:04
Leeuw stond.
In de 1558-Prono-F is de kwartaalhoroscoop van de
lente gedateerd op 11 maart 1558. Vóórliggende configuraties
van 29
december 1557, een bijkomstige omstandigheid op 11 maart 1558 (Mars in
Ram) en opvolgende configuraties van 1 en 2
april 1558 (Mars conjunct Saturnus en een Maansverduistering) zijn juist
beschreven. Alléén de voor 11 maart 1558 gegeven middaguurpositie van
de Maan klopt
niet (16:40
Leeuw in plaats van 23:41 Boogschutter), terwijl verderop in de tekst (voorspellingen rond de maanfasen in
maart 1558) de vermelding van de maanpositie op 11 maart 1558 wel juist
is, zij het dat die maanpositie (Boogschutter) de positie is om 12:00
WPT Venetië en niet de positie tijdens het Laatste Kwartier.
In de tekst van de 1557-Prono-F is de datum van de
kwartaalhoroscoop van de lente 11 maart, evenals in de tekst van de 1558-Prono-F,
en de graadpositie van de Zon 0:53 Ram, net als in de tekst van de 1558-Prono-F. Volgens
softwaregegevens is de middagpositie van de Maan in de kwartaalhoroscoop
van de lente van 1557 (11 maart 1557) 16:04 Leeuw, wat vrijwel
overeenkomt met een maanpositie op 16:40 Leeuw in de tekst van de
kwartaalhoroscoop in de 1558-Prono-F.
Uit het voorgaande blijkt dat het vermeld zijn van de positie van de
Maan op 16:40 Leeuw in plaats van op 23:41 Boogschutter niet
noodzakelijkerwijs het gevolg is van een "voor Nostradamus
karakteristieke blunder tijdens het aflezen van de efemeriden". Tal
van omliggende gegevens zijn namelijk wel juist vermeld. Het heeft er
veel van weg dat één of twee gegevens die betrekking hebben op 11
maart 1557, zijn beland in een tekst die betrekking heeft op 11 maart
1558, een tekst die hetzelfde onderwerp heeft (de kwartaalhoroscoop van
de lente) als de gegevens die betrekking hebben op 11 maart 1557. Brotot
had aan Nostradamus zijn voornemen te kennen gegeven dat hij van twee
series voorspellingen in aanvang slechts één serie zou publiceren,
waaraan hij "nuttige elementen" uit de andere serie zou
toevoegen. En dus rijst de vraag of zijn revisie beperkt is gebleven tot
de door hem voorgestelde overheveling, of dat hij nog andere wijzigingen
in de tekst heeft aangebracht.
De
Zonsverduistering van 18 april 1558
In de 1558-Prono-F
heeft Nostradamus verschillende keren aandacht besteed aan de
Maansverduistering die op 2 april, 12:32, zou plaatsvinden.[19]
Hij
heeft de opvolgende Zonsverduistering van 18 april niet besproken in de
hoedanigheid van een Zonsverduistering, maar als een gewone Nieuwe Maan.[20]
In Eclipsium omnium... 1554-1606 heeft Leovitius deze maanfase
wél als een Zonsverduistering geclassificeerd en besproken.
In de 1559-Progno-GB heeft Nostradamus teruggeblikt op de
Maansverduistering van april 1558, maar niet op de Zonsverduistering die
erna kwam.
Het feit dat Nostradamus de Zonsverduistering van april 1558 twee maal
niet als zodanig heeft besproken, is om uiteenlopende redenen
interessant. Deze redenen houden verband met de voorwaarden om een
Zonsverduistering te bespreken als zijnde een Zonsverduistering en met
de perioden waarin de 1558-Prono-F en de 1559-Progno-GB
zijn geschreven.
Ieder jaar zijn er twee Zonsverduisteringen en minimaal drie
Maansverduisteringen. Astrologisch gezien is een Zons- of een
Maansverduistering een Nieuwe Maan of Volle Maan die zich afspeelt in de
nabijheid van de as Caput - Cauda Draconis, met een orb van rond 10
booggraden.
Leovitius heeft in Eclipsium omnium... die Zons- en
Maansverduisteringen besproken, waarbij de verduisterde Zon of de
verduisterde Maan op enig moment tijdens het aantal uren verduistering
boven de as Ascendant - Descendant stond voor de breedte van Augsburg.
Om die reden schrijft hij over bijvoorbeeld het jaar 1606 dat er zich in
dat jaar geen zichtbare verduisteringen voordoen; een reden voor hem om
ze niet te behandelen. De Zonsverduistering van 18 april 1558 stond in
het negende huis van de horoscoop voor die verduistering, berekend voor
Augsburg, en werd dus wel behandeld.
Tijdens het onderzoek naar de authenticiteit van Les Significations
de l'Eclipse du 16 septembre 1559 is gebleken dat Nostradamus
tijdgegevens van Zons- en Maansverduisteringen niet heeft overgenomen
uit Eclipsium omnium... maar uit efemeriden. Hij classificeert
niet alleen de Zonsverduistering van 18 april 1558 als een gewone Nieuwe
Maan, maar ook de Zonsverduistering van november 1556. De opvolgende
Maansverduistering van november 1556 classificeert hij als een gewone
Volle Maan.[21] Het
voorwoord van de 1558-Prono-F is gedateerd op 1 mei 1557. Op of
rond die datum heeft Nostradamus voorspellingen gedaan voor de
Maansverduistering van april 1558. Hij heeft geen voorspellingen gedaan
voor een opvolgende Zonsverduistering, integendeel. Na de
Maansverduistering begin april 1558 volgde volgens hem een Nieuwe Maan
rond medio april.
In de 1559-Progno-GB blikt Nostradamus terug op de
Maansverduistering van april 1558, schrijvend over de Maansverduistering
van 16 september 1559. Volgens bibliografische gegevens in de 1559-Progno-GB
zou dit geschreven zijn in mei 1558, kort na die
Maansverduistering.
Leovitius verwachtte in 1556 dat er zich in april 1558 ook een
Zonsverduistering zou voordoen. Nostradamus behandelt in 1557 voor 1558
echter een Nieuwe Maan en blikt daar in 1558 vanzelfsprekend niet op
terug. Nu zijn er twee mogelijkheden: of Nostradamus verzwijgt het feit
dat er in april 1558 behalve een Maansverduistering ook een
Zonsverduistering was, of de Zonsverduistering was voor hem niet
zichtbaar. NASA-tabellen wijzen uit dat deze Zonsverduistering niet
boven Europa zichtbaar is geweest.
In de efemeriden die Nostradamus heeft gebruikt, is de Zonsverduistering
van 18 april 1558 gekwalificeerd als een gewone Nieuwe Maan, wat niet
juist is, gezien het feit dat deze Nieuwe Maan zich voordeed in de
nabijheid van de as Caput - Cauda Draconis. Deze Zonsverduistering
voltrok zich echter buiten Europees gezichtsveld, een reden waarom
Nostradamus niet op zijn schreden hoefde terug te keren. De
authenticiteit van Les Significations de l'Eclipse du 16 septembre
1559
Volgens de gangbare opinie heeft Nostradamus een aanval op zijn critici
ingebed in een voorspelling voor de Maansverduistering van 16 september
1559, vertaald uit Leovitius' Eclipsium omnium...
In Les Significations... wordt op de eerste bladzijden gewag
gemaakt van een horoscoop van de Maansverduistering van 16 september
1559. In die horoscoop staat Mars in het tiende huis vierkant de Cauda
Draconis. In de horoscoop van deze Maansverduistering, berekend,
getekend en besproken door Leovitius in Eclipsium omnium..., wordt
gewag wordt gemaakt van Mars in het achtste huis, dichtbij de Vaste
Ster Antares. Dit wijst op twee horoscopen.
Ondergetekende is niet van mening dat het vermeld zijn in één en
hetzelfde boek van twee series horoscoopgegevens die met elkaar strijdig
zijn, per definitie typerend is voor de manier waarop Nostradamus de
astrologie beoefende. Uit de voorspellingen voor september en oktober
1559 in de 1559-Progno-GB blijkt duidelijk dat de efemeriden van
Nostradamus uitwezen dat Mars in die periode in Steenbok staat.
Nostradamus brengt deze stand dusdanig vaak ter sprake, dat het
onwaarschijnlijk is dat hij in een kort erna geschreven publicatie een dubbele
verandering doorvoert, qua teken én huis.
De verschillen tussen de tijdsopgaven en de opsomming van Zons- en
Maansverduisteringen in de boeken van Nostradamus en Leovitius zijn
dermate groot, dat ernstig kan worden betwijfeld of Nostradamus in 1558,
het jaar waarvan wordt verondersteld dat hij daarin Les
Significations... schreef, in het bezit was van Eclipsium
omnium...
Engelstalige
versies van de Almanach pour 1559
In het onderzoek
dat ten grondslag ligt aan Nostradamus, astrologie en de Bijbel
zijn twee Engelstalige versies ter sprake gekomen van de Almanach
pour 1559.[22]
Eén ervan, de Almanacke
for the yeare of our Lorde God, 1559 (de 1559-Almanacke-GB),
bevat de maandkalenders waarin onder andere maanfasen staan en maandkwatrijnen. De andere versie, de Prognostication of
maister Michael Nostredamus, Doctour in Phisick. In Province for the
yeare of our Lorde, 1559 (de 1559-Progno-GB) bevat een
vertaling van de voorspellingen die zijn gebaseerd op maanfasen,
astrologische aspecten en kwartaalhoroscopen.
In een aantal gevallen verschillen de tijdstippen van maanfasen in de 1559-Almanacke-GB
met die in de 1559-Progno-GB. Anders gezegd: de tijdstippen in de
tabellen verschillen van de tijdstippen in de tekst van de
voorspellingen. De suggesties die Brotot deed in zijn brief van 20 september 1557, kunnen betekenen dat
deze tabellen niet door
Nostradamus zijn verstrekt of samengesteld, maar zijn toegevoegd of
aangevuld door de uitgever, en dat Nostradamus zich bij het samenstellen
van zijn voorspellingen baseerde op efemeriden.
Uiteraard getuigt het niet van professionaliteit dat in één en hetzelfde werk
(de 1559-Almanach-F, uiteenvallend in de 1559-Almanacke-GB
en de 1559-Progno-GB) de tijdstippen van maanfasen niet
eensluidend zijn. Het lijkt er echter op dat de tabellen astrologisch
gezien een meer decoratieve functie hadden, voortvloeiend uit de opzet
van Almanachs, en dat Nostradamus voor de voorspellingen geen gebruik maakte
van deze tabellen, maar van efemeriden.
Vergelijking van de inhoud van de 1559-Progno-GB met
softwaregegevens en met gegevens in boek 4, deel 1 van het Recueil
des Présages Prosaïques heeft uitgewezen dat de kwaliteit van de 1559-Progno-GB
ernstig te wensen overlaat. In de voorspelling voor januari 1559 zijn
tien maanfasen besproken, terwijl er in één maand vier maanfasen zijn,
hooguit vijf. De oorzaak blijkt te liggen in het feit dat de tekst van
voorspellingen, gebaseerd op een aantal maanfasen die zich voordoen in
augustus en december 1559, is beland in het hoofdstuk dat betrekking
heeft op januari 1559.
Sommige teksten in de 1559-Progno-GB wijken af van de
oorspronkelijke astrologische context in de Franse brontekst, kennelijk
met de bedoeling de reeds vertaalde tekst lopend te houden. Dit wijst op
een bewuste poging van de vertaler dan wel de uitgever om fouten in de
vertaling te verdonkeremanen.
Uurhoek inbraak kathedraal Orange,
3 februari 1562
De brief die
Nostradamus aan de kanunniken van Orange schreef over de inbraak die in
1561 in hun kathedraal had plaatsgevonden, is gedateerd op 4 februari
1562. Bij deze brief hoort een horoscoopfiguur, gedateerd op 3 februari
1562, "hora 7 post meridiem" (19:00 uur).[23]
In de oorspronkelijk gedrukte horoscoopfiguur is het cijfer 7 slecht
leesbaar en het lijkt wel een 4. De manier waarop het cijfer 7 is
weergegeven, doet denken dat de tekenaar dit cijfer in eerste instantie
vergeten was en het erbij heeft geflanst. Ook andere cijfers in de figuur zijn
slecht leesbaar.
In het onderzoek dat ten grondslag ligt aan Nostradamus,
astrologie en de Bijbel was de eerste stap bij het natrekken van de
juistheid van deze horoscoopfiguur: het herleiden van de Sterrentijd uit
de posities van het MC en de Ascendant. De Sterrentijd bleek te zijn: 4:20:39. De posities van
het MC en de Ascendant pasten bij
de coördinaten van Salon-de-Provence. De bij deze Sterrentijd horende
WPT voor Salon-de-Provence bleek te zijn: 18:47:53. De conclusies waren
dat het slecht
leesbare cijfer achter het woord "hora" het cijfer 7 is en dat
het verschil tussen "hora 7 post meridiem" (19:00) en
softwaregegevens (18:47:53)
12 minuten en 7seconden is. Jammer genoeg is het aantal fouten in de figuur
zodanig, dat er niet
uit kan worden afgeleid of de planeetposities die van het middaguur zijn
van 3 februari 1562, of dat ze zijn geïnterpoleerd voor 3 februari
1562, 18:47:53 (WPT Salon-de-Provence). Volgens softwaregegevens is de
middaguur-positie van de Maan op 3 februari 1562 (WPT Venetië) 21:04
Waterman. In de horoscoopfiguur staat 3 Waterman.
De uurhoek van de inbraak in de kathedraal van Orange is ook besproken
door Amadou, Brind'Amour en Leroy.
Amadou heeft drie horoscoopfiguren afgebeeld: de oorspronkelijke figuur, een
transcript en een
herberekende horoscoop voor 3 februari 1562, 16:00 WPT
Salon-de-Provence. Amadou heeft het slecht leesbare cijfer 7 gelezen als
een 4 en gaat niet in op het probleem waarom in de oorspronkelijke figuur de posities van de
cuspen zijn zoals ze zijn. Hij presenteert een herberekende figuur op
basis van 16:00 WPT Salon-de-Provence, waaruit
bijvoorbeeld voortvloeit dat het MC op 24:55 Ram staat, terwijl dit in
de oorspronkelijke figuur 7 Tweelingen was.
Brind'Amour, zo blijkt uit een door Peter Lemesurier verstrekt
overzicht, kwam tot de conclusie dat het opgegeven
tijdstip van de uurhoek aangaande de inbraak 155 minuten (2 uur en 35
minuten) vroeger lag dan het feitelijke tijdstip van de horoscoop. Blijkbaar heeft ook Brind'Amour
de tijdsaanduiding in de oorspronkelijke horoscoopfiguur opgevat als
"hora 4 post meridiem" en kwam hij uiteindelijk
uit op
18:35 WPT Salon-de-Provence. Als hij de tijdsaanduiding in de
horoscoopfiguur zou hebben gelezen als "hora 7 post meridiem",
was hij tot de conclusie gekomen dat dit 25 minuten later was
dan het feitelijke tijdstip van de horoscoop.
Leroy heeft tijdens het natekenen van de
horoscoopfiguur fouten gemaakt bij het noteren van de datum, de tijd en
de positie van een cusp. Als de lezer van zijn boek de oorspronkelijke
figuur niet kent, dicht hij deze fouten ten onrechte toe aan
Nostradamus. Kwartaalhoroscopen in de Almanach pour l'an M.D.LX.VI (de 1566-Almanach-F)
Er wordt gezegd dat Nostradamus onvoldoende benul had van de
astrologische theorie om zelfs maar te onderkennen wat de bezwaren van
Videl tegen zijn "rekenmethoden" inhielden. Videl tekende
onder andere bezwaar aan tegen het feit dat Nostradamus bij het
bespreken van de intrede van de Zon in het teken Ram in 1557 als positie
van de Zon 0:53 Ram vermeldde, terwijl dat 0:00 Ram zou moeten zijn, een
handelwijze die opnieuw wijst op het niet interpoleren van
efemeridengegevens.
In de Almanach
pour l'an M.D.L.X.VI (de 1566-Almanach-F) zijn
horoscoopfiguren afgebeeld van de vier kwartaalhoroscopen van dat jaar.
In iedere horoscoop neemt de Zon een 0:00 positie in. Hieraan, en ook
aan de positie van de Maan, valt te zien dat er sprake is van goede interpolatie. De posities van de cuspen kloppen met de
horoscoopgegevens; naar het zich laat aanzien is de WPT Venetië
gebruikt en zijn de horoscopen berekend voor de 46e breedtegraad.
De
horoscoopfiguren hebben geen decoratieve functie, maar zijn in de 1566-Almanach-F geanalyseerd, getuige
de opmerking dat in de kwartaalhoroscoop voor de winter van 1566
Saturnus stationair is. In de bijbehorende horoscoopfiguur is deze
bijzonderheid bij
Saturnus inderdaad vermeld.
De vraag is of Nostradamus deze horoscopen zelf heeft berekend of dat
hij ze heeft overgenomen. Hoe dat ook zij, hij heeft kwartaalhoroscopen
besproken waarin de Zon de juiste positie had, 0:00. Ten opzichte van de
1557-Prono-F en de 1558-Prono-F, waarin middagposities van de Zon
zijn vermeld, kan dit worden gezien als een verbetering. De data en
tijdstippen van de maanfasen en de opgegeven maanposities bevatten
echter dezelfde fouten en onvolledigheden als die in de 1557-Prono-F
en de 1558-Prono-F: middaguurposities in plaats van posities
tijdens de exacte maanfase en ongespecificeerde tijdstippen, die niet
zijn gebaseerd op WPT Salon-de-Provence, maar op WPT Venetië. Mogelijkheden
en beperkingen bij het gebruik van astrologische software
Brind'Amour heeft
de astrologische gegevens in Almanachs, Pronostications en
horoscopen gecontroleerd aan de hand van efemeriden die Nostradamus
gebruikte. Christian Wöllner, de schrijver van Das Mysterium des
Nostradamus (1926), was voor zijn controleberekeningen zijn
astrologische bevindingen aangewezen op onder andere de Alfonsinische
tabellen. De Duitse onderzoekster Noll-Husum gebruikte onder andere
Schoch's Planetentafeln für Jedermann, aangevuld met de Oxford-tabellen.[24]
In het onderzoek dat ten grondslag ligt aan Nostradamus, astrologie
en de Bijbel is in aanvang de Tuckerman
Ephemeris gebruikt, aangevuld met formules voor het berekenen van de
Sterrentijd en de positie van de Caput Draconis. Sinds een paar jaar
wordt gewerkt met het programma AstroScoop Plus. Ondanks
enkele beperkingen, die verband houden met het onderzochte materiaal, stemt het gebruik van AstroScoop Plus tot
volle tevredenheid. De middaguurposities van Zon, Maan en Caput Draconis
en de tijdstippen van de maanfasen, opgegeven in de tekst van de
onderzochte Almanachs en Pronostications, stemmen vrij
goed overeen met AstroScoop Plus. Het was hierdoor mogelijk om in korte tijd de verkeerde vermeldingen in de 1559-Progno-GB
op de juiste plaats te zetten.
Het verschil in planeetposities tussen de toenmalige
efemeriden en AstroScoop Plus is soms twee booggraden. In de datum waarop planeten van
richting veranderen (van direct in retrograde of vice versa) kan één
tot twee dagen verschil zitten. Hier moet
rekening mee worden gehouden bij het vergelijken van astrologische
gegevens in Almanachs, Pronostications en correspondentie
met die van AstroScoop Plus, die dan een trend opleveren in
plaats van een exacte afspiegeling van de berekeningen
van destijds. Soms kan die trend voldoende onthullend zijn, wat
bijvoorbeeld is gebleken tijdens de analyse van astrologische gegevens
in Les Significations...
Met AstroScoop Plus is het mogelijk om astrologische
factoren te selecteren. In het geval van het onderzoek dat ten grondslag
ligt aan Nostradamus, astrologie en de Bijbel zijn dat de zeven
klassieke planeten, de Caput Draconis, de majeure aspecten en de oude
huizensystemen (Campanus, Porphyrius en Regiomontanus).
Met AstroScoop Plus
is het ook mogelijk een database aan te leggen van onderzochte gegevens
in de vorm van een directory-structuur. De astrologische gegevens in
bijvoorbeeld de 1557-Prono-F zijn ondergebracht in de directory
1557-Prono-F, met als subdirectories: aspecten, kwartaalhoroscopen en
maanfase-horoscopen. Vroegere
denkbeelden ten aanzien van planeetstanden
of planetaire cycli worden niet afgespiegeld in het
hedendaagse materiaal (efemeriden, software). Dit kan leiden tot
interpretatieproblemen. Als voorbeeld: noot 9 van J.P. Brach in Livre
de l'estat et mutation des temps.
Brach schrijft: "Abu-Masha
Djafar ibn Mohammed, in de middeleeuwen Albumazar genoemd, Arabisch
astroloog, 9e eeuw, was de allereerste (ons bekende) die de grote
turbulenties voorspelde voor de precieze datum in 1789, waarvandaan de
referenties afkomstig zijn van Turrel, Roussat, Carrion, Nostradamus
enz." Brach doelt op een door Albumazar beschreven "grote
conjunctie" van Jupiter en Saturnus in 1789.
Volgens hedendaags materiaal was er in 1789 geen "grote
conjunctie". Saturnus liep in 1789 door Vissen, Jupiter van Kreeft
naar Maagd. Wel was er een Jupiter-Saturnus conjunctie in 1782, maar die
vond plaats op 28 Boogschutter en was geen "grote conjunctie".
Het inzicht in de denkbeelden van
Albumazar ontstaat pas na raadplegen van omliggende literatuur en niet
naar aanleiding van het gebruik van hedendaags materiaal. Dat materiaal geeft wel antwoord op de vraag in hoeverre
vroegere denkbeelden rond planetaire cycli bevestigd worden
door "de werkelijkheid van de efemeride". De voorspelling van Albumazar
blijkt een toevalstreffer te zijn, waarbij op een voorspelde datum een
voorspelde gebeurtenis plaatsvond, die niet vergezeld ging van het
beschreven hemelverschijnsel.
Bij het gebruik van hedendaags materiaal in het nostradamisch onderzoek
is dit een niet te onderschatten punt van aandacht. De
Meern, 3 juli 2004
T.W.M. van Berkel Noten
-
Amadou,
p.208. [tekst]
-
Chevignard,
p.414. [tekst]
-
Chevignard,
p.414: Pleine Lune le 14.a 12.heu.75.minu.à 27.deg.47.mi de Cancer,
qui sera par aquosité humide. auc quelque moderatió... [tekst]
-
Brind'Amour,
1993. [tekst]
-
Brind'Amour:
Peut-être
aura-t-on recalculé les pointes des maisons d'après le système de
Regiomontanus tout en gardant les astres dans les mêmes maisons
qu'avant. [tekst]
-
Dupèbe,
p.11-13. Uit zijn inleiding blijkt niet of het herschrijven
zich heeft beperkt tot de brieven, of dat ook de
horoscoopfiguren opnieuw zijn gemaakt. In de horoscoopfiguren die zijn
afgebeeld in L'astrologie de Nostradamus - dossier is de legenda
(horoscoopgegevens) gedrukt in plaats van geschreven.
[tekst]
-
Amadou,
p.139-143; Dupèbe, p.131-139.
[tekst]
-
Benazra:
The Predictions and Almanachs of Michel Nostradamus.
[tekst]
-
Volgens Dupèbe
was Brotot voornemens de
1558-Prono-F te publiceren (Dupèbe, p.15).
[tekst]
-
Amadou,
p.64; Dupèbe, p.31-32.
[tekst]
-
Benazra:
Les Pronostications et Almanachs de Nostradamus.
[tekst]
-
Benazra:
The Predictions and Almanachs of Michel Nostradamus.
[tekst]
-
Chevignard,
p.426-427. [tekst]
-
Chevignard,
p.421. [tekst]
-
Chevignard, p.428 en
439. [tekst]
-
Chevignard,
p.439. [tekst]
-
Chevignard,
p.401. [tekst]
-
Chevignard,
p.414. [tekst]
-
Chevignard,
p.427 en 438-439. [tekst]
-
Chevignard, p.439.
[tekst]
-
Van
Berkel: Les
Significations de l'Eclipse 1559 en de Prognostication for
the year 1559.
[tekst]
-
Van
Berkel: De
Prognostication for the year 1559 en het Recueil des
Présages Prosaïques.
[tekst]
-
Van
Berkel: Uurhoek
diefstal heilige voorwerpen uit de kathedraal van Orange.
[tekst]
-
Noll-Husum,
1936, in: Amadou, p.369. [tekst]
|