|
Commentaar
van Van Berkel
Brontekst:
facsimile-Chomarat-2000
Satur.au beuf ioue en l'eau,Mars en fleiche
Six de Feurier mortalité donra,
Ceux de Tardaigne à Bruge si grand breche,
Qu'à Ponteroso chef Barbarin mourra.
Vertaling
(Van Berkel, 2002)
Saturnus in Stier, Jupiter in water, Mars in de pijl:
Zes februari zal sterfte geven.
De lieden van Tardaigne. In Brugge zo'n grote bres,
Dat te Ponteroso de Barbarijse leider zal sterven.
Van
Berkel rekent dit kwatrijn tot de uurhoekkwatrijnen.
De
eerste regel. Jupiter staat in "water", dat wil zeggen: in
één van de tekens Kreeft, Schorpioen of Vissen, die alle tot het
element "water" horen. Mars staat in de "pijl". Dit
is een andere benaming voor het teken Boogschutter.
In de voorstellingenperiode was er van deze standen sprake in de periode
begin juli - begin september 1527.
De tweede regel geeft de vervullingdag aan: 6 februari (Juliaanse
kalender).
Toepassing
van het CD4-systeem heeft uitgewezen dat dit kwatrijn tot stand is
gekomen op 11 augustus 1527. De vervullingdatum is 6 februari 1773, wat
overeenkomt met de tweede regel.
Dit
kwatrijn is verlopen. In 1773 was er bij Brugge geen veldslag; evenmin
was er sprake van het overlijden van een Barbarijse (Algerijnse) leider.
Commentaar
van Wöllner
Brontekst:
Le Pelletier, 1867
Satur, au boeuf ioüe en l'eau, Mars en fleiche,
Six de Feurier mortalité donra,
Ceux de Tardaigne à Bruge si grand breche,
Qu'à Ponterose chef Barbarin mourra.
Vertaling
(Wöllner, 1926)
Saturn im Stier, Jupiter in Wassermann, Mars in Schützen
am 6. Februar gibt Sterblichkeit.
die von Sardinien. In Brügge ein sehr grosser Riss,
wie am Roten Meer. Das Haupt Barberini stirbt.
Wöllner
interpreteert het woord eau in de eerste regel als
een afkorting van het teken Waterman (Frans: Verseau). Volgens hem
duiden de eerste twee regels op een configuratie die zich voordoet op 6
februari, waarbij Saturnus in Stier staat, Jupiter in Waterman en Mars
in Boogschutter. Volgens zijn berekeningen was dit het geval in de jaren 1499
en 1736. Wat betreft 6 februari 1559 tekende hij aan dat op die
datum Jupiter in Waterman stond en Saturnus in Stier, maar dat Mars niet in Boogschutter stond, maar op 25
Schorpioen.[1]
Wöllner gebruikte de Juliaanse kalender. Hij heeft de data die na 10 oktober 1582 liggen, niet omgezet in Gregoriaanse data. De Juliaanse
datum 6 februari 1736 is volgens de Gregoriaanse kalender: 17 februari
1736.
De posities in 1499, 1559 en 1736 zijn als volgt:
-
06-02-1499:
Saturnus: 2 Stier, Jupiter: 6 Waterman, Mars: 26 Boogschutter
-
06-02-1559:
Saturnus: 17 Stier, Jupiter: 26 Waterman, Mars: 26 Schorpioen
-
17-02-1736: Saturnus:
22 Stier, Jupiter: 3 Waterman, Mars: 29 Boogschutter
De
Meern, 15 februari 2004
T.W.M. van Berkel
Noten
-
Wöllner,
p.50. [tekst]
|